Wetboek van Strafvordering

Sv

Huidige tekst

Artikel 27a Sv

Geldt sinds 6 januari 2014

  1. 1

    De verdachte wordt ten behoeve van het vaststellen van zijn identiteit gevraagd naar zijn naam, voornamen, geboorteplaats en geboortedatum, het adres waarop hij in de basisregistratie personen is ingeschreven en het adres van zijn feitelijke verblijfplaats. Het vaststellen van zijn identiteit omvat tevens een onderzoek van een identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 van de Wet op de identificatieplicht. In de gevallen, bedoeld in artikel 55c, tweede en derde lid, omvat het vaststellen van zijn identiteit tevens het nemen van een of meer foto’s en vingerafdrukken.

  2. 2

    In de gevallen waarin van de verdachte overeenkomstig dit wetboek vingerafdrukken zijn genomen en verwerkt, omvat het vaststellen van zijn identiteit ter verificatie het nemen van zijn vingerafdrukken en het vergelijken van die vingerafdrukken met de van hem verwerkte vingerafdrukken. In de andere gevallen omvat het vaststellen van zijn identiteit een onderzoek van een identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 van de Wet op de identificatieplicht.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2026:94Parket bij de Hoge Raad, 17 maart 2026 (strafrecht)

    Conclusie AG. Eenvoudige belediging ambtenaar in functie. Falend middel over bestanddeel "gedurende de rechtmatige uitoefening van zijn bediening". Ambtshalve opmerking over overschrijding redelijke…

  • ECLI:NL:HR:2025:135Hoge Raad, 4 februari 2025 (strafrecht)

    Vervoeren van 16 kilo cocaïne (art. 2.B Opiumwet) en 2,8 kilo henneptoppen (art. 3.B Opiumwet), aanwezig hebben van 18 kilo hennep (art. 3.C Opiumwet), voorhanden hebben van wapens en munitie (art.…

  • ECLI:NL:PHR:2024:925Parket bij de Hoge Raad, 10 september 2024 (strafrecht)

    Conclusie AG. Middelen over 1) de verwerping van een verweer m.b.t. de tenaamstelling van het vonnis (vonnis is gewezen tegen persoon A, maar verdachte stelt in h.b. dat hij niet persoon A is, maar…

  • ECLI:NL:PHR:2024:836Parket bij de Hoge Raad, 27 augustus 2024 (strafrecht)

    Conclusie plv. AG. Ontucht met persoon jonger dan 16 jaar, art. 245 Sr. M1: klacht over verwerping van art. 359a Sv-verweer. M2: klacht dat leeftijd slachtoffer niet uit de bewijsmiddelen kan volgen.…

  • ECLI:NL:RBROT:2024:11369Rechtbank Rotterdam, 26 juli 2024 (strafrecht)

    Wrakingsverzoek. De wrakingskamer verklaart verzoeker niet-ontvankelijk in het verzoek. Verzoeker is door de wrakingskamer in de gelegenheid gesteld om toe te lichten welke feiten of omstandigheden…

  • ECLI:NL:PHR:2022:752Parket bij de Hoge Raad, 13 september 2022 (strafrecht)

    Conclusie AG. Opzettelijk aanwezig hebben MDMA (art. 2.C Opiumwet) en voorhanden hebben vouwmes (art. 27.1 WWM). Rechtmatigheid identiteitsfouillering a.b.i. art. 55b Sv. Middel I klaagt over oordeel…

  • ECLI:NL:GHAMS:2021:4340Gerechtshof Amsterdam, 22 juli 2021 (strafrecht)

    Artikel 4.6 Vreemdelingenbesluit 2000. Artikel 10 EVRM. Vrijheid van meningsuiting. Artikel 11 EVRM. Vrijheid van vegadering en vereniging.

  • ECLI:NL:GHAMS:2021:4341Gerechtshof Amsterdam, 22 juli 2021 (strafrecht)

    Artikel 4.6 Vreemdelingenbesluit 2000. Artikel 10 EVRM. Vrijheid van meningsuiting. Artikel 11 EVRM. Vrijheid van vegadering en vereniging.

26 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.