Wetboek van Strafvordering

Sv

Huidige tekst

Artikel 163 Sv

Vorm en opneming van een aangifte redactionele omschrijving

Geldt sinds 1 oktober 2022

  1. 1

    De aangifte van eenig strafbaar feit geschiedt mondeling of schriftelijk bij den bevoegden ambtenaar, hetzij door den aangever in persoon, hetzij door een ander, daartoe door hem van eene bijzondere schriftelijke volmacht voorzien.

  2. 2

    De mondelinge aangifte wordt door den ambtenaar die haar ontvangt, in geschrifte gesteld en na voorlezing door hem met den aangever of diens gemachtigde onderteekend. Indien deze niet kan teekenen, wordt de reden van het beletsel vermeld.

  3. 3

    Indien de aangever of diens gemachtigde de Nederlandse taal niet of onvoldoende begrijpt of spreekt, wordt hij in staat gesteld aangifte te doen in een taal die hij begrijpt of spreekt of ontvangt hij de nodige taalkundige bijstand.

  4. 4

    De schriftelijke aangifte wordt door de aangever of diens gemachtigde ondertekend. De aangifte kan langs elektronische weg worden overgedragen met behulp van een bij of krachtens algemene maatregel van bestuur aangewezen elektronische voorziening, voor de in die voorziening toegestane feiten.

  5. 5

    De aangever ontvangt een kopie van de aangifte dan wel een kopie van het proces-verbaal van aangifte.

  6. 6

    Indien het belang van het onderzoek dit vergt ontvangt de aangever een schriftelijke bevestiging van zijn aangifte, in afwijking van het bepaalde in het vijfde lid. De schriftelijke bevestiging vermeldt de bijzondere redenen voor het afwijken van het vijfde lid.

  7. 7

    De aangever ontvangt, indien hij de Nederlandse taal niet of onvoldoende begrijpt of spreekt, op zijn verzoek een vertaling van een schriftelijke bevestiging van de aangifte, in een taal die hij begrijpt.

  8. 8

    De schriftelijke volmacht, of, zoo zij voor een notaris in minuut is verleden, een authentiek afschrift daarvan, wordt aan de akte gehecht.

  9. 9

    Tot het ontvangen van de aangiften bedoeld in de artikelen 160 en 161, zijn de opsporingsambtenaren, en tot het ontvangen van de aangiften bedoeld in artikel 162, de daarbij genoemde ambtenaren verplicht.

  10. 10

    Artikel 156 is van toepassing.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2025:47Parket bij de Hoge Raad, 14 januari 2025 (strafrecht)

    Conclusie plv. AG. Verduistering en diefstal door de geregistreerd partner van de kleinzoon van het slachtoffer. Middel waarin wordt betoogd dat niet is voldaan aan het klachtvereiste moet volgens de…

  • ECLI:NL:PHR:2024:446Parket bij de Hoge Raad, 23 april 2024 (strafrecht)

    Conclusie AG. Klachtdelict. Art. 66.1 Sr. Slagend middel over oordeel dat openbaar ministerie ontvankelijk is in vervolging. Niet is binnen de termijn een klacht ingediend. Conclusie strekt tot…

  • ECLI:NL:PHR:2023:905Parket bij de Hoge Raad, 27 juni 2023 (strafrecht)

    Conclusie A-G. Veroordeling wegens o.m. medeplegen van afdreiging. Klachttermijn, art. 66.1 Sr. Is t.a.v. de onder 1, 2 en 5 tenlastegelegde feiten binnen de termijn van drie maanden nadat de…

  • ECLI:NL:PHR:2022:999Parket bij de Hoge Raad, 15 november 2022 (strafrecht)

    Conclusie AG. Diefstal van paspoort uit auto. Middelen over 1) opgave bewijsmiddelen die op een ander feit betrekking zouden hebben, 2) niet-ondertekende aangifte en 3) beslissing tul eerder…

  • ECLI:NL:RBAMS:2026:4183Rechtbank Amsterdam, 30 april 2026 (strafrecht)

    Verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan het plegen van ernstige zedenfeiten. Hij heeft zonder dat het slachtoffer dit wist, meerdere foto's, video"s en livetreams gemaakt terwijl hij seks met haar…

  • ECLI:NL:GHARL:2025:8010Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 12 december 2025 (strafrecht)

    Het hof veroordeelt verdachte ten aanzien van bedreiging met enig misdrijf tegen het leven gericht, met zware mishandeling, met verkrachting en met feitelijke aanranding van de eerbaarheid, meermalen…

  • ECLI:NL:RBOBR:2025:2608Rechtbank Oost-Brabant, 26 maart 2025 (strafrecht)

    Veroordeling voor belediging van een rechter en een openbare instelling (rechtbank). Verwerping van niet-ontvankelijkheidsverweren. Uitlatingen van veroordeelde vallen niet onder de vrijheid van…

  • ECLI:NL:RBDHA:2024:8101Rechtbank Den Haag, 15 mei 2024 (civiel recht)

    Contactmaatregel OM onrechtmatig? Onrechtmatige inbeslagname telefoons?

46 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.