Wetboek van Strafvordering

Sv

Huidige tekst

Artikel 126g Sv

Geldt sinds 1 maart 2019

  1. 1

    In geval van verdenking van een misdrijf, kan de officier van justitie in het belang van het onderzoek bevelen dat een opsporingsambtenaar stelselmatig een persoon volgt of stelselmatig diens aanwezigheid of gedrag waarneemt.

  2. 2

    Indien de verdenking een misdrijf betreft als omschreven in artikel 67, eerste lid, dat gezien zijn aard of de samenhang met andere door de verdachte begane misdrijven een ernstige inbreuk op de rechtsorde oplevert, kan de officier van justitie in het belang van het onderzoek bepalen dat ter uitvoering van het bevel een besloten plaats, niet zijnde een woning, wordt betreden zonder toestemming van de rechthebbende.

  3. 3

    De officier van justitie kan bepalen dat ter uitvoering van het bevel een technisch hulpmiddel wordt aangewend, voor zover daarmee geen vertrouwelijke communicatie wordt opgenomen. Een technisch hulpmiddel wordt niet op een persoon bevestigd, tenzij met diens toestemming dan wel in het geval, bedoeld in artikel 126nba, eerste lid, onder c.

  4. 4

    Het bevel wordt gegeven voor een periode van ten hoogste drie maanden. Het kan telkens voor een termijn van ten hoogste drie maanden worden verlengd.

  5. 5

    Het bevel tot observatie is schriftelijk en vermeldt: a.het misdrijf en indien bekend de naam of anders een zo nauwkeurig mogelijke aanduiding van de verdachte; b.de feiten of omstandigheden waaruit blijkt dat de voorwaarden, bedoeld in het eerste lid, zijn vervuld; c.de naam of een zo nauwkeurig mogelijke aanduiding van de in het eerste lid bedoelde persoon; d.bij toepassing van het tweede lid, de feiten of omstandigheden waaruit blijkt dat de voorwaarden, bedoeld in dat lid, zijn vervuld, alsmede de plaats die zal worden betreden; e.de wijze waarop aan het bevel uitvoering wordt gegeven, en f.de geldigheidsduur van het bevel.

  6. 6

    Bij dringende noodzaak kan het bevel mondeling worden gegeven. De officier van justitie stelt in dat geval het bevel binnen drie dagen op schrift.

  7. 7

    Zodra niet meer wordt voldaan aan de voorwaarden, bedoeld in het eerste lid, bepaalt de officier van justitie dat de uitvoering van het bevel wordt beëindigd.

  8. 8

    Het bevel kan schriftelijk en met redenen omkleed worden gewijzigd, aangevuld, verlengd of beëindigd. Bij dringende noodzaak kan de beslissing mondeling worden gegeven. De officier van justitie stelt deze in dat geval binnen drie dagen op schrift.

  9. 9

    Een bevel als bedoeld in het eerste lid kan ook worden gegeven aan een persoon in de openbare dienst van een vreemde staat. Bij algemene maatregel van bestuur kunnen eisen worden gesteld aan deze personen. Het tweede tot en met achtste lid zijn van overeenkomstige toepassing.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2026:905Parket bij de Hoge Raad, 29 september 2026 (strafrecht)

    Conclusie AG. In vereniging plegen van diefstal met inklimming. Falend middel dat zich keert tegen oordeel dat geen sprake is van een stelselmatige observatie (art. 126g Sv) en tegen oordeel dat geen…

  • ECLI:NL:PHR:2025:1269Parket bij de Hoge Raad, 18 november 2025 (strafrecht)

    Conclusie AG. Veroordeling wegens medeplegen van diverse feiten uit de Opiumwet (soft drugs en hard drugs) en deelneming aan een criminele organisatie ex art. 11b Ow. Middelen over (1. en 2.)…

  • ECLI:NL:PHR:2025:307Parket bij de Hoge Raad, 11 maart 2025 (strafrecht)

    Conclusie A-G. Veroordeling voor het opzettelijk vervoeren en aanwezig hebben van cocaïne en MDMA (art. 2B/C OW). Het middel bevat klachten over de verwerping van hetgeen door de verdediging is…

  • ECLI:NL:PHR:2024:925Parket bij de Hoge Raad, 10 september 2024 (strafrecht)

    Conclusie AG. Middelen over 1) de verwerping van een verweer m.b.t. de tenaamstelling van het vonnis (vonnis is gewezen tegen persoon A, maar verdachte stelt in h.b. dat hij niet persoon A is, maar…

  • ECLI:NL:GHSHE:2026:2711Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 1 oktober 2026 (strafrecht)

    Het hof veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf van 8 jaren met aftrek van voorarrest voor het meermalen in eendaadse samenloop medeplegen van het (verlengd) invoeren en vervoeren van…

  • ECLI:NL:RBAMS:2026:9211Rechtbank Amsterdam, 15 september 2026 (strafrecht)

    Onderzoek Ketchikan. Veroordeling voor betrokkenheid bij meerdere methamfetaminelaboratoria en voor voorbereidingshandelingen voor de productie van synthetische drugs. Gevangenisstraf van 30 maanden.

  • ECLI:NL:RBOVE:2026:3980Rechtbank Overijssel, 9 juli 2026 (socialezekerheidsrecht)

    De rechtbank komt in deze tussenuitspraak tot het oordeel dat het bestreden besluit van 17 januari 2025 niet met de vereiste zorgvuldigheid is voorbereid en dat een deugdelijke motivering ontbreekt.…

  • ECLI:NL:RBOVE:2026:3981Rechtbank Overijssel, 9 juli 2026 (socialezekerheidsrecht)

    De rechtbank komt in deze tussenuitspraak tot het oordeel dat het bestreden besluit niet met de vereiste zorgvuldigheid is voorbereid en dat een deugdelijke motivering ontbreekt. Eiser krijgt daarom…

475 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.