Wetboek van Strafvordering

Sv

Huidige tekst

Artikel 353 Sv

Beslissing over inbeslaggenomen voorwerpen bij einduitspraak redactionele omschrijving

Geldt sinds 8 maart 2002

  1. 1

    In het geval van toepassing van artikel 9a van het Wetboek van Strafrecht, van oplegging van straf of maatregel, van vrijspraak of ontslag van alle rechtsvervolging neemt de rechtbank een beslissing over de met toepassing van artikel 94 inbeslaggenomen voorwerpen ten aanzien waarvan nog geen last tot teruggave is gegeven. Deze beslissing laat ieders rechten ten aanzien van het voorwerp onverlet.

  2. 2

    De rechtbank gelast, onverminderd artikel 351, a. de teruggave van het voorwerp aan degene bij wie het in beslag is genomen; b. de teruggave van het voorwerp aan degene die redelijkerwijs als rechthebbende kan worden aangemerkt; of c. indien geen persoon als rechthebbende kan worden aangemerkt, de bewaring van het voorwerp ten behoeve van de rechthebbende.

  3. 3

    Op een last als bedoeld in het tweede lid is artikel 119 van overeenkomstige toepassing.

  4. 4

    De rechtbank kan de teruggave van inbeslaggenomen voorwerpen onder zekerheidstelling gelasten. Artikel 118a is van overeenkomstige toepassing.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2026:48Parket bij de Hoge Raad, 13 januari 2026 (strafrecht)

    Conclusie AG. 26Sartell (samenhang met 24/02523, 24/02511 en 24/02659). Medeplegen van voorbereidingshandelingen voor de invoer van 25.000 kg cocaïne (art. 10a Opw) en medeplegen gewoontewitwassen…

  • ECLI:NL:PHR:2025:691Parket bij de Hoge Raad, 8 juli 2025 (strafrecht)

    Conclusie AG. Miljoenenoplichting evenementenbedrijf. Falende klachten over verwerping verweer dat geen sprake is van oplichting omdat slachtoffer het bedrog had moeten doorzien en over toewijzing…

  • ECLI:NL:PHR:2025:474Parket bij de Hoge Raad, 22 april 2025 (strafrecht)

    Conclusie AG. WOTS-zaak waaraan uitlevering aan Zwitserland vooraf is gegaan. Art. 31 lid 1 WOTS. Falende middelen over 1) oordeel rechtbank dat geen sprake is van schending specialiteitsbeginsel en…

  • ECLI:NL:PHR:2025:423Parket bij de Hoge Raad, 8 april 2025 (strafrecht)

    Conclusie AG. Beklag a.b.i. art. 552a Sv. Slagende klachten over niet-ontvankelijkverklaring van de klager in het beklag op de gronden dat (i) het klaagschrift niet binnen drie maanden na het einde…

  • ECLI:NL:RBNHO:2026:14090Rechtbank Noord-Holland, 15 oktober 2026 (strafrecht)

    De rechtbank veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf van 13 jaar wegens poging tot moord. De verdachte heeft met een vuurwapen gericht op het slachtoffer geschoten. Het slachtoffer is…

  • ECLI:NL:RBGEL:2026:6979Rechtbank Gelderland, 3 september 2026 (strafrecht)

    Verdachte wordt veroordeeld voor het medeplegen van een inbraak (diefstal met braak/verbreking) in een tankstation waarbij sigaretten zijn gestolen. Bekennende verdachte. Oplegging gvs 5 maanden.…

  • ECLI:NL:RBGEL:2026:6981Rechtbank Gelderland, 3 september 2026 (strafrecht)

    Verdachte wordt veroordeeld voor het medeplegen van een inbraak (diefstal met braak/verbreking) in een tankstation waarbij sigaretten zijn gestolen. Bekennende verdachte. Art. 63 Sr van toepassing.…

  • ECLI:NL:RBNHO:2026:10246Rechtbank Noord-Holland, 6 augustus 2026 (strafrecht)

    Vrijspraak van de tenlastegelegde online handelsfraude (artikel 326e van het Wetboek van Strafrecht). Het slechte ondernemerschap van de verdachte is niet overgegaan in handelsfraude.

478 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.