Wetboek van Strafvordering

Sv

Huidige tekst

Artikel 385 Sv

Geldt sinds 8 maart 2002

  1. 1

    Het aanhangig maken van de zaak door oproeping kan enkel plaatsvinden in geval van ontdekking op heter daad door een opsporingsambtenaar. Het aanhangig maken geschiedt doordat de opsporingsambtenaar een door hem gedagtekende en ondertekende oproeping aan de verdachte uitreikt.

  2. 2

    Bij de uitreiking worden inhoud en strekking van de oproeping aan de verdachte, zo mogelijk, mondeling kort toegelicht.

  3. 3

    Wordt een oproeping door de verdachte niet aangenomen, dan geldt het tijdstip van de weigering van de verdachte als tijdstip van uitreiking.

  4. 4

    Van de inhoud en van het uitreiken van de oproeping dan wel van het aanbieden en weigeren van de oproeping en de reden van weigering maakt de opsporingsambtenaar in zijn proces-verbaal melding.

  5. 5

    In geval van aanhouding van de verdachte overeenkomstig artikel 53, kan hem onverwijld een oproeping worden uitgereikt teneinde nog op diezelfde dag ter terechtzitting van de kantonrechter te verschijnen. De verdachte wordt eerst voor het bevoegde openbaar ministerie en vervolgens voor de kantonrechter geleid. Artikelen 386, tweede en derde lid, en 398, onder 2° , blijven in dit geval buiten toepassing.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2026:923Parket bij de Hoge Raad, 6 oktober 2026 (strafrecht)

    Conclusie AG. Caribische zaak. Veroordeling wegens doodslag en overtreding Vuurwapenverordening te Sint Maarten. M1 dat is gericht tegen verwerping van betrouwbaarheidsverweer, berust op onjuiste…

  • ECLI:NL:PHR:2026:364Parket bij de Hoge Raad, 7 april 2026 (strafrecht)

    Conclusie AG. Ontvankelijkheid hoger beroep. Middel stelt aan de orde of uit het feit dat verdachte heeft geweigerd de mededeling uitspraak in ontvangst te nemen kan worden afgeleid dat er sprake is…

  • ECLI:NL:PHR:2025:480Parket bij de Hoge Raad, 22 april 2025 (strafrecht)

    Conclusie AG. Caribische zaak. Mishandeling van levensgezel (art. 2:273 jo. 2:277 Sr SM) en misbruik van minderjarige dochters van vriendin (art. 2:199 en art. 2:201 jo. 2:210 Sr SM). Falende…

  • ECLI:NL:PHR:2025:367Parket bij de Hoge Raad, 25 maart 2025 (strafrecht)

    Conclusie AG. Caribische zaak. Poging doodslag, overtreding Vuurwapenwet en vernieling. M1 en 2 bevatten diverse klachten over de bewijsvoering (redengevendheid, innerlijke consistentie…

  • ECLI:NL:OGHACMB:2026:133Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba, 29 mei 2026 (strafrecht)

    Zedenzaak. Feitelijke aanranding van de eerbaarheid, terwijl het feit is begaan tegen een kind dat de verdachte verzorgt of opvoedt als behorend tot zijn gezin. Betrouwbaarheidsverweren, steunbewijs.

  • ECLI:NL:OGHACMB:2026:118Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba, 26 maart 2026 (strafrecht)

    Veroordeling in hoger beroep wegens meermalen gepleegde verkrachting van aan verdachte toevertrouwde minderjarige meisjes, poging tot verkrachting, medeplegen van verkrachting, vuurwapenbezit en…

  • ECLI:NL:OGEAA:2026:24Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba, 30 januari 2026 (strafrecht)

    Verdachte wordt veroordeeld voor de meerdaadse samenloop van 1) verkrachting, 2) poging zware mishandeling begaan tegen zijn echtgenote en 3) opzettelijk iemand wederrechtelijk van de vrijheid…

  • ECLI:NL:OGEAA:2025:290Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba, 10 oktober 2025 (strafrecht)

    De verdachte heeft jarenlang zijn buurmeisje en haar vriendin op (zeer) jonge leeftijd seksueel misbruikt, waaronder verkrachting, en heeft afbeeldingen en video’s bevattende kinderporno in zijn…

81 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.