Wetboek van Strafvordering

Sv

Huidige tekst

Artikel 126r Sv

Geldt sinds 8 maart 2002

  1. 1

    In een geval als bedoeld in artikel 126o, eerste lid, kan de officier van justitie in het belang van het onderzoek bevelen dat een opsporingsambtenaar zonder toestemming van de rechthebbende een besloten plaats, niet zijnde een woning, betreedt, dan wel een technisch hulpmiddel aanwendt, teneinde: a.die plaats op te nemen, b.aldaar sporen veilig te stellen, of c.aldaar een technisch hulpmiddel te plaatsen teneinde de aanwezigheid of verplaatsingen van een goed vast te kunnen stellen.

  2. 2

    Een bevel als bedoeld in het eerste lid is schriftelijk en vermeldt: a.een omschrijving van het georganiseerd verband; b.de feiten of omstandigheden waaruit blijkt dat de voorwaarden, bedoeld in het eerste lid, zijn vervuld; c.de plaats waarop het bevel betrekking heeft; d.de wijze waarop aan het bevel uitvoering wordt gegeven, en e.het tijdstip waarop, of de periode waarbinnen aan het bevel uitvoering wordt gegeven.

  3. 3

    Artikel 126g, zesde tot en met achtste lid, is van overeenkomstige toepassing.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:RBSHE:2007:BA1928Rechtbank 's-Hertogenbosch, 30 maart 2007 (strafrecht)

    Vier jaar gevangenisstraf voor onder andere witwassen en deelneming aan een criminele organisatie.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.