Wetboek van Strafvordering

Sv

Huidige tekst

Artikel 425 Sv

Geldt sinds 1 januari 2013

  1. 1

    Degene die zitting heeft in een enkelvoudige kamer als bedoeld in artikel 411, tweede lid, heeft de bevoegdheden die aan de voorzitter van de meervoudige kamer toekomen.

  2. 2

    De enkelvoudige kamer geeft na sluiting van het onderzoek op de terechtzitting hetzij onmiddellijk hetzij diezelfde dag op een door haar bij de sluiting van het onderzoek te bepalen uur mondeling arrest.

  3. 3

    Het arrest wordt in het proces-verbaal van de terechtzitting aangetekend op de wijze door Onze Minister van Veiligheid en Justitie te bepalen: a.indien de enkelvoudige kamer dit ambtshalve, op vordering van de advocaat-generaal of op verzoek van de verdachte of zijn raadsman, bij de uitspraak bepaalt; b.indien het openbaar ministerie, de verdachte of zijn raadsman, dan wel de benadeelde partij uiterlijk drie maanden na de uitspraak daartoe een vordering indient of het verzoek doet; c.indien een gewoon rechtsmiddel tegen het arrest wordt aangewend; d.indien het arrest bij verstek is gewezen en de dagvaarding niet in persoon is betekend en zich geen omstandigheid heeft voorgedaan waaruit voortvloeit dat de dag van de terechtzitting aan de verdachte bekend was, terwijl op de terechtzitting getuigen of deskundigen zijn gehoord dan wel de benadeelde partij zich in het strafproces heeft gevoegd.

  4. 4

    Zodra het proces-verbaal van de terechtzitting is getekend, kunnen de verdachte en zijn raadsman daarvan kennis nemen. De enkelvoudige kamer verstrekt desgevraagd een afschrift van het proces-verbaal aan de verdachte en zijn raadsman.

  5. 5

    De artikelen 365, vierde en vijfde lid, 381, eerste en tweede lid, en 397a, eerste tot en met derde lid, zijn van overeenkomstige toepassing.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2026:888Parket bij de Hoge Raad, 29 september 2026 (strafrecht)

    Conclusie AG. Snelheidsovertreding. Vrijspraak eerste aanleg. Klacht dat enkelvoudige kamer hof redengevende inhoud bewijsmiddelen niet heeft weergegeven in aantekening mondeling arrest faalt volgens…

  • ECLI:NL:PHR:2026:889Parket bij de Hoge Raad, 29 september 2026 (strafrecht)

    Conclusie AG. Bumperkleven. Klacht dat enkelvoudige kamer hof redengevende inhoud bewijsmiddelen niet heeft weergegeven in aantekening mondeling arrest faalt volgens AG nu de in art. 425 lid 3 Sv…

  • ECLI:NL:PHR:2026:400Parket bij de Hoge Raad, 21 april 2026 (strafrecht)

    Conclusie AG. Betekeningsperikelen. Moest appeldagvaarding worden uitgereikt aan het in de BRP geregistreerde briefadres? De AG meent van niet, gelet op het later in de BRP geregistreerde woonadres…

  • ECLI:NL:PHR:2026:408Parket bij de Hoge Raad, 21 april 2026 (strafrecht)

    Conclusie AG. Tijdig hoger beroep ingesteld? Hof kon volgens AG niet oordelen dat h.b. had moeten worden ingesteld binnen 14 dagen na vonnis PR, nu hof niet heeft vastgesteld dat zich een in art. 408…

  • ECLI:NL:PHR:2026:175Parket bij de Hoge Raad, 3 maart 2026 (strafrecht)

    Conclusie AG. Verdachte is door de enkelvoudige kamer van het hof n-o verklaard in zijn h.b., omdat hij afstand heeft gedaan van zijn recht op h.b. Geen proces-verbaal van de terechtzitting in h.b.…

  • ECLI:NL:GHDHA:2026:2905Gerechtshof Den Haag, 2 februari 2026 (strafrecht)

    overtreding van artikel 8, vijfde lid, van de Wegenverkeerswet 1994. Verweer: niet kan worden vastgesteld dat aan de strikte waarborg van het recht op tegenonderzoek is voldaan, omdat brief…

  • ECLI:NL:PHR:2025:1385Parket bij de Hoge Raad, 16 december 2025 (strafrecht)

    Conclusie AG. Beklag tegen ex art. 94 Sv gelegd beslag op een hond. Het middel betreft het oordeel dat de hond op rechtmatige wijze in beslag is genomen, nu geen sprake was van een heterdaadsituatie.…

  • ECLI:NL:PHR:2025:1161Parket bij de Hoge Raad, 4 november 2025 (strafrecht)

    Conclusie AG. Terecht voorgestelde klacht over het ontbreken van de redenen voor het opleggen van een onvoorwaardelijke vrijheidsstraf in aantekening mondeling arrest, ex art. 425.3 Sv en 359.6 Sv.…

125 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.