Wetboek van Strafvordering

Sv

Huidige tekst

Artikel 408 Sv

Termijn voor het instellen van hoger beroep redactionele omschrijving

Geldt sinds 1 januari 2020

  1. 1

    Het hoger beroep moet binnen veertien dagen na de einduitspraak worden ingesteld indien: a.de dagvaarding of oproeping om op de terechtzitting te verschijnen of de aanzegging of oproeping voor de nadere terechtzitting aan de verdachte in persoon is gedaan of betekend; b.de verdachte op de terechtzitting of nadere terechtzitting is verschenen; c.zich anderszins een omstandigheid heeft voorgedaan waaruit voortvloeit dat de dag van de terechtzitting of van de nadere terechtzitting de verdachte tevoren bekend was; d.de dagvaarding of oproeping binnen zes weken nadat door de verdachte op de voet van artikel 257e verzet is gedaan, rechtsgeldig aan de verdachte is betekend met inachtneming van artikel 36g en in eerste aanleg geen onvoorwaardelijke straf of maatregel is opgelegd die vrijheidsbeneming van langere duur meebrengt dan zes maanden.

  2. 2

    In andere gevallen dan de in het eerste lid genoemde moet het hoger beroep worden ingesteld binnen veertien dagen nadat zich een omstandigheid heeft voorgedaan waaruit voortvloeit dat de einduitspraak de verdachte bekend is.

  3. 3

    Het tweede lid is niet van toepassing in geval van een verstrekking van een afschrift van het vonnis, als bedoeld in artikel 45b van de Overleveringswet.

  4. 4

    Indien het onderzoek op de terechtzitting voor onbepaalde tijd is geschorst en de aanzegging of oproeping voor de nadere terechtzitting niet in persoon is gedaan of betekend, dan is de termijn bedoeld in het tweede lid van toepassing, tenzij a. de verdachte op de nadere terechtzitting is verschenen of b. zich anderszins een omstandigheid heeft voorgedaan waaruit voortvloeit dat de dag van de nadere terechtzitting de verdachte tevoren bekend was. Indien een van deze twee uitzonderingen zich voordoet, is de termijn genoemd in de aanhef van het eerste lid van toepassing.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2026:896Parket bij de Hoge Raad, 29 september 2026 (strafrecht)

    Conclusie AG. Niet-ontvankelijkverklaring verdachte in hoger beroep. Termijnoverschrijding verontschuldigbaar? Aangevoerd wordt onder meer dat aan verdachte die geen Nederlands spreekt ten onrechte…

  • ECLI:NL:HR:2026:1422Hoge Raad, 8 september 2026 (strafrecht)

    Rijden tijdens ontzegging rijbevoegdheid (art. 9.1 WVW 1994). Hof heeft verdachte n-o verklaard in zijn hoger beroep, omdat het te laat is ingesteld, art. 408.2 Sv. Ontvankelijkheid hoger beroep en…

  • ECLI:NL:HR:2026:1412Hoge Raad, 1 september 2026 (strafrecht)

    Medeplegen diefstal d.m.v. braak, art. 310.1 Sr. Hof heeft verdachte n-o verklaard in zijn hoger beroep, omdat het te laat is ingesteld, art. 408.1 Sv. Kon hof de verdachte n-o verklaren in zijn…

  • ECLI:NL:PHR:2026:781Parket bij de Hoge Raad, 18 augustus 2026 (strafrecht)

    -

  • ECLI:NL:GHARL:2026:5544Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 26 augustus 2026 (strafrecht)

    Elektronische overdracht van de dagvaarding in eerste aanleg. Hof verklaart verdachte niet-ontvankelijk in het hoger beroep wegens te laat ingesteld appel.

  • ECLI:NL:GHSHE:2026:2231Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 10 augustus 2026 (strafrecht)

    Tussenarrest. Het hof gaat ervan uit dat het hoger beroep tijdig is ingesteld en verklaart de verdachte ontvankelijk in het hoger beroep. Het hof is voorts van oordeel dat niet is voldaan aan de…

  • ECLI:NL:GHARL:2026:4456Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 18 juni 2026 (strafrecht)

    Ontvankelijkheid van het hoger beroep. Hof: uit proces-verbaal van de zitting van de politierechter blijkt uit mededelingen van de toenmalig raadsman van verdachte dat verdachte op de hoogte was van…

  • ECLI:NL:HR:2026:944Hoge Raad, 16 juni 2026 (strafrecht)

    Onverzekerd rijden, art. 30.4 WAM. Hof heeft verdachte n-o verklaard in zijn hoger beroep, omdat het te laat is ingesteld, art. 408.1.a en 408.2 Sv. Ontvankelijkheid hoger beroep en betwisting dat…

371 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.