Wetboek van Strafvordering

Sv

Huidige tekst

Artikel 539r Sv

Geldt sinds 8 maart 2002

  1. 1

    De opsporingsambtenaren kunnen te allen tijde inzage vorderen van de bescheiden waarvan naar hun redelijk oordeel inzage nodig is voor de vervulling van hun taak.

  2. 2

    Personen die uit hoofde van hun stand, beroep of ambt tot geheimhouding verplicht zijn, kunnen de inzage weigeren van bescheiden of gedeelten daarvan, tot welke hun plicht tot geheimhouding zich uitstrekt.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2024:1402Parket bij de Hoge Raad, 20 december 2024 (belastingrecht)

    Gemeenschappelijke bijlage bij de conclusies van 20 december 2024 inzake: 24/01292 ECLI:NL:PHR:2024:1399 , 24/01293 ECLI:NL:PHR:2024:1400 , 24/01294 ECLI:NL:PHR:2024:1401

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.