Wetboek van Strafvordering

Sv

Huidige tekst

Artikel 69 Sv

Opheffing van de voorlopige hechtenis redactionele omschrijving

Geldt sinds 8 maart 2002

  1. 1

    Het bevel tot voorlopige hechtenis kan door de rechtbank worden opgeheven. Zij kan dit doen ambtshalve of op het verzoek van de verdachte, dan wel - voor zover het een bevel tot gevangenneming of gevangenhouding betreft - op de voordracht van de rechter-commissaris of op de vordering van de officier van justitie.

  2. 2

    De verdachte die voor de eerste maal opheffing verzoekt, wordt, tenzij de rechtbank reeds aanstonds tot inwilliging besluit, op het verzoek gehoord, althans opgeroepen.

  3. 3

    In afwachting van de beslissing van de rechtbank op een verzoek, een voordracht of een vordering tot het opheffen van een bevel tot gevangenneming of gevangenhouding, kan de officier van justitie de invrijheidstelling van de verdachte gelasten. Beslist de rechtbank afwijzend, dan wordt het bevel onverwijld verder ten uitvoer gelegd.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2024:822Parket bij de Hoge Raad, 27 augustus 2024 (strafrecht)

    Conclusie AG. Uitlevering aan Bosnië Herzegovina ter vervolging. Vier cassatiemiddelen. De eerste twee middelen zijn gericht tegen het oordeel van de rechtbank dat de uitlevering toelaatbaar kan…

  • ECLI:NL:PHR:2024:724Parket bij de Hoge Raad, 23 april 2024 (strafrecht)

    Conclusie A-G. Verdachte is veroordeeld voor onder meer het maken van kinderpornografische foto’s en films van zijn stiefdochter (art. 240b jo. art. 248.2 Sr). 1. Klacht dat het hof in…

  • ECLI:NL:HR:2023:1560Hoge Raad, 14 november 2023 (strafrecht)

    Groot aantal winkeldiefstallen, art. 310 Sr. ISD-maatregel opgelegd. Heeft hof gehandeld in strijd met beginselen van behoorlijke procesorde, nu voorzitter hof ná laatste woord van verdachte maar…

  • ECLI:NL:PHR:2022:889Parket bij de Hoge Raad, 4 oktober 2022 (strafrecht)

    Conclusie AG. Beklag tegen inbeslagneming. De AG wijdt algemene opmerkingen aan de hantering van het ‘hoogst-onwaarschijnlijk’-criterium, ook in verband met de rechtspraak van het EHRM en aan de…

  • ECLI:NL:RBOBR:2026:5923Rechtbank Oost-Brabant, 18 augustus 2026 (strafrecht)

    Schorsing voorlopige hechtenis ten behoeve van het uitzitten van een onherroepelijke gevangenisstraf

  • ECLI:NL:RBOVE:2025:7723Rechtbank Overijssel, 23 december 2025 (strafrecht)

    De rechtbank schorst de voorlopige hechtenis, vordert een betaling van een waarborgsom van € 5.000,-- en verbindt aan de schorsing bijzondere voorwaarden.

  • ECLI:NL:RBOVE:2025:7724Rechtbank Overijssel, 23 december 2025 (strafrecht)

    De rechtbank schorst de voorlopige hechtenis, vordert een betaling van een waarborgsom van € 5.000,-- en verbindt aan de schorsing bijzondere voorwaarden.

  • ECLI:NL:RBDHA:2025:15074Rechtbank Den Haag, 24 juli 2025 (civiel recht)

    voorlopige hechtenis gedurende cassatieprocedure; ambsthalve opheffing?; artikel 75 lid 5 en 6 Sv

106 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.