Wetboek van Strafvordering

Sv

Huidige tekst

Artikel 433 Sv

Geldt sinds 1 april 2017

  1. 1

    Indien alleen het openbaar ministerie beroep in cassatie heeft ingesteld, wordt het beroep aan de verdachte in persoon aangezegd, tenzij zich een omstandigheid heeft voorgedaan waaruit voortvloeit dat het beroep de verdachte bekend is.

  2. 2

    De verdachte kan binnen veertien dagen nadat aan hem de aanzegging van het beroep door het openbaar ministerie in persoon is betekend of zich enige andere omstandigheid heeft voorgedaan, waaruit voortvloeit dat het beroep hem bekend is, zijnerzijds alsnog beroep in cassatie instellen.

  3. 3

    Indien de benadeelde partij zich in het geding gevoegd heeft, wordt haar van elk ingesteld beroep in cassatie, binnen veertien dagen na de aantekening vanwege het openbaar ministerie bij het gerecht dat het vonnis of arrest heeft gewezen, kennis gegeven.

  4. 4

    Van elk ingesteld beroep in cassatie wordt kennisgegeven aan het slachtoffer dat daarom verzoekt, binnen veertien dagen nadat dit beroep is ingesteld. Eveneens wordt van elke intrekking van een beroep in cassatie kennisgegeven aan het slachtoffer dat daarom verzoekt, binnen veertien dagen nadat dit beroep is ingetrokken.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:HR:2026:113Hoge Raad, 3 februari 2026 (strafrecht)

    OM-cassatie en incidenteel cassatieberoep verdachte. Maken van gewoonte van vervaardigen, bezit en verspreiden van kinderporno (art. 240b (oud) Sr) en ontucht met 12-jarig nichtje (art. 245 (oud)…

  • ECLI:NL:PHR:2024:744Parket bij de Hoge Raad, 14 mei 2024 (strafrecht)

    Conclusie AG. Verkrachting, art. 242 Sr. A-G maakt ambtshalve opmerkingen over ontvankelijkheid van het cassatieberoep i.v.m. te vroeg ingediende cassatieschriftuur. Klacht over afwijking van uos…

  • ECLI:NL:PHR:2024:455Parket bij de Hoge Raad, 23 april 2024 (strafrecht)

    Conclusie AG. OM-cassatie, naar aanleiding van vrijspraak hof van invoer van cocaine door bewijsuitsluiting van onderzoeksrapport van deskundige . Middel stelt (i) dat de omstandigheid dat…

  • ECLI:NL:PHR:2023:141Parket bij de Hoge Raad, 7 februari 2023 (strafrecht)

    Conclusie AG. Doodslag (art. 287 Sr). 1. Klacht over verwerping beroep op (putatief) noodweer(exces). 2. Klacht over toewijzing shockschade bp. 3. Klacht over overschrijding inzendtermijn in…

  • ECLI:NL:HR:2022:655Hoge Raad, 10 mei 2022 (strafrecht)

    OM-cassatie en incidenteel cassatieberoep verdachte. Economische zaak. Partiële vrijspraak t.z.v. zonder vergunning veranderen van inrichting a.b.i. art. 8.1.1.b (oud) Wet Milieubeheer. 1.…

  • ECLI:NL:HR:2022:656Hoge Raad, 10 mei 2022 (strafrecht)

    OM-cassatie en incidenteel beroep verdachte. Economische zaak. Ontvankelijkheid cassatieberoep. Is incidenteel cassatieberoep verdachte ex art. 433.2 Sv ontvankelijk, als cassatieberoep OM later is…

  • ECLI:NL:HR:2022:398Hoge Raad, 22 maart 2022 (strafrecht)

    OM-cassatie. Ontvankelijkheid cassatieberoep. Is incidenteel cassatieberoep verdachte ex art. 433.2 Sv ontvankelijk, als cassatieberoep OM later is ingetrokken? Omdat OM het principaal beroep heeft…

  • ECLI:NL:PHR:2022:440Parket bij de Hoge Raad, 15 maart 2022 (strafrecht)

    OM-cassatie en incidenteel beroep verdachte. Economische zaak. Verdachte n-o in incidenteel beroep omdat OM principaal beroep heeft ingetrokken. Samenhang met 20/02903 en 20/01803.

58 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.