Wetboek van Strafvordering

Sv

Huidige tekst

Artikel 554 Sv

Geldt sinds 1 oktober 2022

  1. 1

    Tenzij de Hoge Raad, gehoord de procureur-generaal bij de Hoge Raad, meteen beslist om af te zien van beantwoording van de vraag, stelt hij het openbaar ministerie en de raadsman of advocaat van de betrokken procespartij in de gelegenheid om opmerkingen te maken.

  2. 2

    De Hoge Raad kan bepalen dat ook derden, door tussenkomst van een advocaat, binnen een daartoe te bepalen termijn in de gelegenheid worden gesteld om opmerkingen te maken. De aankondiging hiervan geschiedt op een door de Hoge Raad te bepalen wijze.

  3. 3

    Na het verstrijken van de termijn voor het maken van opmerkingen, neemt de procureur-generaal bij de Hoge Raad conclusie. Het openbaar ministerie en de raadsman of advocaat van de betrokken procespartij kunnen nadat zij in kennis zijn gesteld van de conclusie hun opmerkingen daarbij aan de Hoge Raad ter kennis brengen.

  4. 4

    De griffier van de Hoge Raad stelt de betrokken procespartijen in kennis van de ingekomen opmerkingen van de overige betrokken procespartijen en derden, alsmede van de conclusie van de procureur-generaal.

  5. 5

    De Hoge Raad bepaalt binnen welke termijn en op welke wijze de processtukken en opmerkingen aan de Hoge Raad worden verstrekt.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2026:822Parket bij de Hoge Raad, 25 augustus 2026 (strafrecht)

    Ontvankelijkheidsbeoordeling 26/02339 PJV

  • ECLI:NL:PHR:2026:604Parket bij de Hoge Raad, 23 juni 2026 (strafrecht)

    Conclusie AG over de prejudiciële vraag of voor het maken van een kopie (image) van een smartphone een voorafgaande rechterlijke machtiging is vereist volgens HvJ EU arrest Landeck (van 4 oktober…

  • ECLI:NL:PHR:2026:727Parket bij de Hoge Raad, 24 maart 2026 (strafrecht)

    Ontvankelijkheidsbeoordeling bij ECLI:NL:PHR:2026:604

  • ECLI:NL:HR:2025:204Hoge Raad, 11 februari 2025 (strafrecht)

    Prejudiciële beslissing HR, art. 553 Sv. Beantwoording prejudiciële vraag als strafvorderlijke procedure reeds is beëindigd en verhouding tussen prejudiciële beslissing HR en cassatie in het belang…

  • ECLI:NL:PHR:2024:1225Parket bij de Hoge Raad, 12 november 2024 (strafrecht)

    Conclusie P-G. Prejudiciële vraag over uitleg art. 6:6:21 lid 7 Sv (aftrek ondergane vrijheidsbeneming bij toewijzing vordering tul). Overwegingen over vereiste dat beantwoording van de vraag “nodig…

  • ECLI:NL:PHR:2024:305Parket bij de Hoge Raad, 12 maart 2024 (strafrecht)

    Conclusie AG. Verzuim verplicht digitaal procederen niet hersteld. Per 1 januari 2023 is de verplichting ingevoerd om in strafzaken bij de Hoge Raad digitaal te procederen. In afwijking van deze…

  • ECLI:NL:HR:2023:913Hoge Raad, 13 juni 2023 (strafrecht)

    Prejudiciële beslissing HR, art. 553 Sv. 1. Prejudiciële procedure in strafzaken. 2. Beantwoording vragen over o.a. betekenis van (internationale of interstatelijke) vertrouwensbeginsel voor…

  • ECLI:NL:GHDHA:2023:902Gerechtshof Den Haag, 12 mei 2023 (strafrecht)

    Onderzoek Finland. Schietincident overdag in een woonwijk. EncroChat. Verweer dat OM niet-ontvankelijk is omdat “moedwillig” onjuiste en/of onvolledige informatie is verstrekt aan verdediging en hof…

15 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.