Wetboek van Strafvordering

Sv

Huidige tekst

Artikel 86 Sv

Geldt sinds 8 maart 2002

  1. 1

    Alle rechterlijke beslissingen ingevolge deze paragraaf worden genomen door de rechter die - hetzij in eerste aanleg, hetzij in hoger beroep - bevoegd is de voorlopige hechtenis te bevelen of op te heffen, dan wel over het verlengen van de duur daarvan te beslissen.

  2. 2

    De verdachte is bevoegd zich bij zijn verhoor door de rechter-commissaris te doen bijstaan door een raadsman. De raadsman wordt bij het verhoor in de gelegenheid gesteld de nodige opmerkingen te maken.

  3. 3

    In geval van opheffing van het bevel tot voorlopige hechtenis beveelt de rechter tevens, dat de gestorte geldswaarden zullen worden teruggegeven aan degene die de zekerheid heeft gesteld, of dat diens verbintenis zal worden opgeheven.

  4. 4

    De beslissingen worden onverwijld betekend aan de verdachte en aan diens waarborg.

  5. 5

    De beslissingen tot schorsing, tot opheffing daarvan en die tot wijziging van beslissingen tot schorsing zijn dadelijk uitvoerbaar.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2026:697Parket bij de Hoge Raad, 7 juli 2026 (strafrecht)

    Conclusie AG. Poging tot afpersing fruitbedrijf in Hedel en daarmee verband houdende woningaanslagen. I. Falende middelen over I) voorwaardelijk opzet op de dood, II) strafmotivering, III) opheffing…

  • ECLI:NL:HR:2025:987Hoge Raad, 24 juni 2025 (strafrecht)

    Cassatie in het belang van de wet. Opheffing van schorsing van voorlopige hechtenis bij veroordeling, art. 82 Sv. 1. Uitgangspunten voor beslissing over opheffing van schorsing van voorlopige…

  • ECLI:NL:PHR:2024:825Parket bij de Hoge Raad, 27 augustus 2024 (strafrecht)

    Vordering tot cassatie in het belang der wet. Uitleg art. 56 Uitleveringswet. Geen beroepsmogelijkheid opgeëiste persoon bij gerechtshof na afwijzende beslissing van rb. op verzoek tot schorsing van…

  • ECLI:NL:PHR:2024:583Parket bij de Hoge Raad, 18 juni 2024 (strafrecht)

    Conclusie AG. Opzettelijk valse bankbiljetten uitgeven. Zowel het middel dat opkomt tegen de bewezenverklaring van het voorwaardelijk opzet als het middel dat ziet op de responsieplicht van het hof…

  • ECLI:NL:HR:2023:1560Hoge Raad, 14 november 2023 (strafrecht)

    Groot aantal winkeldiefstallen, art. 310 Sr. ISD-maatregel opgelegd. Heeft hof gehandeld in strijd met beginselen van behoorlijke procesorde, nu voorzitter hof ná laatste woord van verdachte maar…

  • ECLI:NL:PHR:2022:1243Parket bij de Hoge Raad, 23 december 2022 (personen- en familierecht)

    Schadevergoeding, art. 10:12 lid 3 Wvggz, vrijwillige zorg

  • ECLI:NL:RBAMS:2022:6799Rechtbank Amsterdam, 3 november 2022 (strafrecht)

    Coldcase. Het Openbaar Ministerie wordt niet-ontvankelijk verklaard, nu de verdachte is overleden. Terugstorten borgsom.

  • ECLI:NL:HR:2021:516Hoge Raad, 13 april 2021 (strafrecht)

    OM-cassatie tegen beschikking hof waarbij AG bij het hof n-o is verklaard in zijn vorderingen om de schorsing van een bevel tot bewaring op te heffen en vervolgens de gevangenhouding te bevelen.…

34 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.