Wetboek van Strafvordering

Sv

Huidige tekst

Artikel 555 Sv

Geldt sinds 1 oktober 2022

  1. 1

    Nadat de procureur-generaal bij de Hoge Raad conclusie heeft genomen, bepaalt de Hoge Raad de dag waarop hij zal beslissen.

  2. 2

    De Hoge Raad ziet af van beantwoording indien hij oordeelt dat de vraag zich niet voor beantwoording bij wijze van prejudiciële beslissing leent of de vraag van onvoldoende gewicht is om beantwoording te rechtvaardigen. De Hoge Raad kan zich bij de vermelding van de gronden van zijn beslissing beperken tot dit oordeel.

  3. 3

    Indien het antwoord op de vraag, nadat deze is gesteld, niet meer nodig is voor de beslissing van de rechter kan de Hoge Raad, indien hem dat geraden voorkomt, de vraag desondanks beantwoorden.

  4. 4

    De griffier van de Hoge Raad stelt de rechter die de vraag heeft gesteld en de betrokken procespartijen in kennis van de beslissing. De griffier van de Hoge Raad stelt de rechter die de vraag heeft gesteld eveneens in kennis van de conclusie van de procureur-generaal en de in artikel 554, vierde lid, bedoelde opmerkingen.

  5. 5

    Tenzij het antwoord op de vraag niet meer nodig is om te beslissen, beslist de rechter, nadat hij de betrokken procespartijen in de gelegenheid heeft gesteld zich over de uitspraak van de Hoge Raad een standpunt in te nemen, met inachtneming van deze uitspraak.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2026:822Parket bij de Hoge Raad, 25 augustus 2026 (strafrecht)

    Ontvankelijkheidsbeoordeling 26/02339 PJV

  • ECLI:NL:PHR:2026:727Parket bij de Hoge Raad, 24 maart 2026 (strafrecht)

    Ontvankelijkheidsbeoordeling bij ECLI:NL:PHR:2026:604

  • ECLI:NL:HR:2025:204Hoge Raad, 11 februari 2025 (strafrecht)

    Prejudiciële beslissing HR, art. 553 Sv. Beantwoording prejudiciële vraag als strafvorderlijke procedure reeds is beëindigd en verhouding tussen prejudiciële beslissing HR en cassatie in het belang…

  • ECLI:NL:PHR:2024:1225Parket bij de Hoge Raad, 12 november 2024 (strafrecht)

    Conclusie P-G. Prejudiciële vraag over uitleg art. 6:6:21 lid 7 Sv (aftrek ondergane vrijheidsbeneming bij toewijzing vordering tul). Overwegingen over vereiste dat beantwoording van de vraag “nodig…

  • ECLI:NL:HR:2023:913Hoge Raad, 13 juni 2023 (strafrecht)

    Prejudiciële beslissing HR, art. 553 Sv. 1. Prejudiciële procedure in strafzaken. 2. Beantwoording vragen over o.a. betekenis van (internationale of interstatelijke) vertrouwensbeginsel voor…

  • ECLI:NL:GHDHA:2023:902Gerechtshof Den Haag, 12 mei 2023 (strafrecht)

    Onderzoek Finland. Schietincident overdag in een woonwijk. EncroChat. Verweer dat OM niet-ontvankelijk is omdat “moedwillig” onjuiste en/of onvolledige informatie is verstrekt aan verdediging en hof…

  • ECLI:NL:GHDHA:2023:903Gerechtshof Den Haag, 12 mei 2023 (strafrecht)

    Onderzoek Finland. Schietincident overdag in een woonwijk. EncroChat. Verweer dat OM niet-ontvankelijk is omdat “moedwillig” onjuiste en/of onvolledige informatie is verstrekt aan verdediging en hof…

  • ECLI:NL:PHR:2023:477Parket bij de Hoge Raad, 9 mei 2023 (strafrecht)

    Conclusie AG. Prejudiciële vragen rechtbank Noord-Nederland over onder meer de toepassing van het interstatelijke vertrouwensbeginsel. Gegevens vergaard via servers waar EncroChat en SkyECC gebruik…

24 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.