Wetboek van Strafvordering

Sv

Huidige tekst

Artikel 303 Sv

Geldt sinds 1 juli 2016

  1. 1

    Artikel 258, derde lid, is na de aanvang van de terechtzitting van overeenkomstige toepassing.

  2. 2

    De rechtbank kan bevelen dat het slachtoffer, diens vertegenwoordiger op grond van artikel 51e, zesde of zevende lid, of diens nabestaande, indien deze na oproeping niet op de terechtzitting is verschenen, zal worden opgeroepen om op een nader te bepalen tijdstip op de terechtzitting te verschijnen. Indien deze ten tweede male niet op de terechtzitting verschijnt, kan de rechtbank van het horen van het slachtoffer diens vertegenwoordiger op grond van artikel 51e, zesde of zevende lid, of de nabestaande afzien.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:1971:3Parket bij de Hoge Raad, 20 april 1971 (strafrecht)

    -

  • ECLI:NL:OGHACMB:2011:BR5504Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba, 29 juli 2011 (strafrecht)

    Betreft tweede verlenging van gevangenhouding. Hof oordeelt dat het ervoor moet worden gehouden dat de detentie van verdachte berust op het bestaan van een GVO dat is gevorderd om een tweede…

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.