Wetboek van Strafvordering

Sv

Huidige tekst

Artikel 260 Sv

Inhoud van de dagvaarding redactionele omschrijving

Geldt sinds 1 juli 2024

  1. 1

    De officier van justitie is bevoegd getuigen, slachtoffers of hun nabestaanden, deskundigen en tolken ter terechtzitting schriftelijk te doen oproepen. Een tolk wordt in ieder geval opgeroepen, indien de verdachte de Nederlandse taal niet of onvoldoende beheerst.

  2. 2

    Indien het slachtoffer, bedoeld in artikel 51e, tweede lid, en degenen die te kennen hebben gegeven gebruik te willen maken van het spreekrecht op grond van artikel 51e, derde, vierde, zevende of achtste lid, schriftelijk verzoeken om oproeping voor de uitoefening van het spreekrecht, geeft de officier van justitie daaraan gehoor.

  3. 3

    Bij de dagvaarding van de verdachte wordt opgave gedaan van de naam, het beroep en de woon- of verblijfplaats, of bij onbekendheid daarvan de aanduiding van de getuigen en deskundigen die door de officier van justitie zijn opgeroepen. Ook van de oproeping van een persoon die bevoegd is het spreekrecht uit te oefenen, van de benadeelde partij voor zover dit niet eerder op grond van artikel 51g is geschied, en van een tolk wordt opgave gedaan.

  4. 4

    Aan de verdachte wordt daarbij kenbaar gemaakt dat hij het recht heeft getuigen en deskundigen schriftelijk te doen oproepen of op de terechtzitting mede te brengen; hij wordt daarbij tevens opmerkzaam gemaakt op de voorschriften van de artikelen 262, eerste lid, 263, eerste, tweede en derde lid, 258a en 278, tweede en derde lid.

  5. 5

    Indien de verdachte de Nederlandse taal niet of onvoldoende beheerst, wordt hem onverwijld een schriftelijke vertaling van de dagvaarding verstrekt dan wel wordt hem in een voor hem begrijpelijke taal schriftelijk mededeling gedaan van de plaats, datum en het tijdstip waarop de verdachte ter terechtzitting moet verschijnen alsmede een korte omschrijving van het feit en de mededelingen, bedoeld in het derde lid, tweede volzin, en het vierde lid.

  6. 6

    Wanneer de verdachte ten tijde van het plegen van het misdrijf waarvan hij wordt verdacht de leeftijd van achttien wel maar nog niet de leeftijd van drieëntwintig jaar heeft bereikt en de officier van justitie voornemens is te vorderen dat recht zal worden gedaan overeenkomstig artikel 77c van het Wetboek van Strafrecht, maakt hij dit aan de verdachte kenbaar. In dat geval is de verdachte verplicht in persoon te verschijnen. Bij de dagvaarding wordt hem kennis gegeven dat, indien hij niet aan deze verplichting voldoet, het gerecht zijn medebrenging kan gelasten.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2026:896Parket bij de Hoge Raad, 29 september 2026 (strafrecht)

    Conclusie AG. Niet-ontvankelijkverklaring verdachte in hoger beroep. Termijnoverschrijding verontschuldigbaar? Aangevoerd wordt onder meer dat aan verdachte die geen Nederlands spreekt ten onrechte…

  • ECLI:NL:HR:2026:871Hoge Raad, 9 juni 2026 (strafrecht)

    Bedreiging van buitengewoon opsporingsambtenaar in trein, art. 285.1 Sr. Ontvankelijkheid hoger beroep, art. 408.1.a Sv. Hof (enkelvoudige kamer) heeft verdachte (Algerijnse nationaliteit) n-o…

  • ECLI:NL:PHR:2026:409Parket bij de Hoge Raad, 21 april 2026 (strafrecht)

    Conclusie AG. Betekeningsperikelen. Dagvaarding is aan gedetineerde verdachte in persoon uitgereikt, maar Poolse vertaling is als afschrift naar het adres van de P.I. gestuurd. Volgens de AG is de…

  • ECLI:NL:PHR:2026:258Parket bij de Hoge Raad, 17 maart 2026 (strafrecht)

    Conclusie AG. Verdachte niet-ontvankelijk verklaard in hoger beroep. In Nederlandse taal opgestelde dagvaarding in persoon uitgereikt aan verdachte die Nederlandse taal niet machtig is. Levert…

  • ECLI:NL:RBZWB:2025:5988Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 5 september 2025 (strafrecht)

    Artikel 6 WVW. Bestuurder onder invloed van alcohol en gereden met hogere snelheid dan ter plaatse verantwoord. Aanmerkelijk onvoorzichtig en onoplettend. Zwaar lichamelijk letsel. Toestemming…

  • ECLI:NL:GHARL:2025:4769Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 16 juli 2025 (strafprocesrecht)

    Terugwijzing van de zaak naar de politierechter. Bij het hof is twijfel ontstaan of de verdachte de Nederlandse taal in voldoende mate beheerst om een strafprocedure goed te kunnen volgen. Verdachte…

  • ECLI:NL:RBAMS:2024:8439Rechtbank Amsterdam, 31 december 2024 (strafrecht)

    De rechtbank beslist in een overleveringszaak dat de oproeping nietig wordt verklaard, omdat er geen vertaling van de oproeping naar de opgeëiste persoon is gestuurd. De betekeningsvoorschriften in…

  • ECLI:NL:GHSHE:2024:3696Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 22 november 2024 (strafrecht)

    Als persoon bedoeld in artikel 2, eerste lid, van de Leerplichtwet 1969, de in artikel 2, eerste lid van die wet opgelegde verplichtingen niet nakomen. Bevestigen vonnis waarvan beroep, met…

80 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.