Wetboek van Strafvordering

Sv

Huidige tekst

Artikel 314 Sv

Geldt sinds 1 oktober 2013

  1. 1

    Indien de telastlegging overeenkomstig artikel 313 is gewijzigd, wordt aan de verdachte door de griffier een gewaarmerkt afschrift van de gewijzigde telastlegging op de terechtzitting verstrekt, tenzij de rechtbank oordeelt dat met de uitreiking van een door de griffier gewaarmerkt afschrift van de wijzigingen kan worden volstaan. Is tegen de verdachte verstek verleend, dan wordt het onderzoek op de gewijzigde telastlegging aanstonds voortgezet indien de verdachte door het achterwege laten van kennisgeving van de wijziging redelijkerwijze niet in zijn verdediging wordt geschaad. In het andere geval wordt de gewijzigde telastlegging hem zo spoedig mogelijk betekend. Indien de verdachte de Nederlandse taal niet of onvoldoende beheerst, wordt hem in het laatstgenoemde geval tevens onverwijld een vertaling van de gewijzigde tenlastelegging verstrekt.

  2. 2

    De rechtbank schorst het onderzoek zo nodig voor een bepaalde tijd; met toestemming van de verdachte of de raadsman die op grond van artikel 279, eerste lid, tot de verdediging is toegelaten, kan het onderzoek echter aanstonds of na een korte onderbreking worden voortgezet.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2026:822Parket bij de Hoge Raad, 25 augustus 2026 (strafrecht)

    Ontvankelijkheidsbeoordeling 26/02339 PJV

  • ECLI:NL:PHR:2026:378Parket bij de Hoge Raad, 14 april 2026 (strafrecht)

    Conclusie AG. Witwassen (art. 420bis Sr). Middel klaagt terecht dat het hof de grondslag van de tenlastelegging heeft verlaten, doordat het hof – kort gezegd – bewezen heeft verklaard dat de…

  • ECLI:NL:PHR:2025:1269Parket bij de Hoge Raad, 18 november 2025 (strafrecht)

    Conclusie AG. Veroordeling wegens medeplegen van diverse feiten uit de Opiumwet (soft drugs en hard drugs) en deelneming aan een criminele organisatie ex art. 11b Ow. Middelen over (1. en 2.)…

  • ECLI:NL:PHR:2024:1021Parket bij de Hoge Raad, 25 juni 2024 (strafrecht)

    Conclusie AG. Veroordeling wegens (onder meer) medeplegen van bankbiljetten namaken, met het oogmerk om die bankbiljetten als echt en onvervalst te doen uitgeven, meermalen gepleegd, art 208 Sr. 1.…

  • ECLI:NL:RBZWB:2026:9623Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 5 oktober 2026 (materieel strafrecht)

    Belaging van twee personen in de periode van 1 jaar. Een gevangenisstraf van twaalf (12) maanden, waarvan drie (3) maanden voorwaardelijk met een proeftijd van drie (3) jaar met als bijzondere…

  • ECLI:NL:RBROT:2026:7147Rechtbank Rotterdam, 19 juni 2026 (strafrecht)

    De rechtbank stelt een prejudiciële vraag aan de Hoge Raad met betrekking tot de noodzaak van het schorsen van het onderzoek ter terechtzitting indien de verdediging, na (gedeeltelijke) toewijzing…

  • ECLI:NL:RBOBR:2025:4823Rechtbank Oost-Brabant, 31 juli 2025 (strafrecht)

    Gevangenisstraf van 7 jaren met aftrek. Bewezenverklaring voor Opiumwet-feiten (o.a. (recent) handel in ca. 95 kilogram amfetamineolie, voorbereidingshandelingen t.z.v. in- en uitvoer van harddrugs…

  • ECLI:NL:RBZWB:2025:622Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 7 februari 2025 (strafrecht)

    Veroordeling medeplegen poging tot doodslag. Geweld tegen en nabij het hoofd in twee fases. Slaan met koevoet. Grondslagleer. Inlezen in de tenlastelegging. Strafmaat.

97 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.