Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering

Rv

Huidige tekst

Artikel 1019cc Rv

Geldt sinds 1 juli 2010

  1. 1

    Voor zover in de beschikking uitdrukkelijk en zonder voorbehoud is beslist op een of meer geschilpunten tussen partijen betreffende hun materiële rechtsverhouding, is de rechter daaraan in de procedure ten principale op dezelfde wijze gebonden als wanneer de beslissing zou zijn opgenomen in een tussenvonnis in die procedure.

  2. 2

    Indien de beschikking tevens een veroordeling van een der partijen inhoudt, komt aan die veroordeling in de procedure ten principale geen verdergaande betekenis toe dan wanneer zij zou zijn opgenomen in een tussen partijen gewezen vonnis in kort geding.

  3. 3

    In de procedure ten principale kan van de beschikking, voor zover zij beslissingen als bedoeld in het eerste lid bevat, bij het gerechtshof hoger beroep worden ingesteld als van een tussenvonnis: a.binnen drie maanden, te rekenen van de eerste roldatum, dan wel, indien de beschikking nadien is gegeven, binnen drie maanden, te rekenen van de dag van de uitspraak van de beschikking, met dien verstande dat de appellant, binnen de grenzen van artikel 332, in het hoger beroep slechts ontvankelijk zal zijn, indien de rechter in eerste aanleg deze mogelijkheid heeft geopend op een daartoe binnen dezelfde termijn door een der partijen gedaan verzoek, waarover de wederpartij is gehoord; b.tegelijk met het hoger beroep van het eindvonnis.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2026:86Parket bij de Hoge Raad, 16 januari 2026 (belastingrecht)

    Art. 6:17 Awb; is de uitspraak van de CRvB op de voorgeschreven wijze bekendgemaakt als deze alleen aan de belanghebbende is verzonden en niet aan degene die hem vertegenwoordigde in beroep? Art.…

  • ECLI:NL:PHR:2024:1348Parket bij de Hoge Raad, 13 december 2024 (civiel recht)

    Verzekeringsrecht. WAM. Deelgeschillenprocedure. Benadeelde spreekt WAM-verzekeraar aan op grond van eigen recht (art. 6 WAM). Kan WAM-verzekeraar benadeelde tegenwerpen dat deze namens…

  • ECLI:NL:HR:2024:1022Hoge Raad, 5 juli 2024 (verbintenissenrecht)

    Verbintenissenrecht. Verzekeringsrecht. Begrip "bestuurder" in art. 4 lid 1 Wet aansprakelijkheidsverzekering motorrijtuigen (WAM) en art. 12 lid 1 Richtlijn 2009/103/EG. Ongeval door ingrijpen…

  • ECLI:NL:HR:2024:726Hoge Raad, 17 mei 2024 (verbintenissenrecht)

    Verbintenissenrecht. Verzekeringsrecht. Begrip "bestuurder" in art. 4 lid 1 Wet aansprakelijkheidsverzekering motorrijtuigen (WAM) en art. 12 lid 1 Richtlijn 2009/103/EG. Ongeval door ingrijpen…

  • ECLI:NL:RBAMS:2026:10367Rechtbank Amsterdam, 22 oktober 2026 (civiel recht)

    Deelgeschil; aansprakelijkheid aannemer na omvallend hek op voetpad; zaak leent zich niet voor behandeling in deelgeschil, bewijslevering toedracht en letsel nodig, verzoek afgewezen.

  • ECLI:NL:RBROT:2026:14306Rechtbank Rotterdam, 14 oktober 2026 (verbintenissenrecht)

    Incidentvonnis. De rechtbank staat tussentijds hoger beroep toe van de beschikking die tussen partijen is gegeven in een deelgeschilprocedure (artikel 1019cc Rv.)

  • ECLI:NL:GHARL:2026:6622Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 13 oktober 2026 (civiel recht)

    Hoger beroep na beschikking in deelgeschil (vervolg op beschikking van 1 mei 2024 rechtbank Midden-Nederland, zittingsplaats Lelystad, ECLI:NL:RBMNE:2024:5282 en op het arrest in incident van hof…

  • ECLI:NL:RBLIM:2026:9601Rechtbank Limburg, 9 september 2026 (verbintenissenrecht)

    Geen sprake van eigen schuld. Volledige schadevergoeding als gevolg van val met verkeerd ingestelde rolstoel. Geen sprake van een causaal verband tussen de val en de verhuizing.

417 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.