Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering

Rv

Huidige tekst

Artikel 358 Rv

Hoger beroep van beschikkingen redactionele omschrijving

Geldt sinds 15 oktober 2005

  1. 1

    Tegen eindbeschikkingen in zaken als bedoeld in artikel 261 staat, behoudens berusting, hoger beroep open.

  2. 2

    Door de verzoeker en door de in de procedure verschenen belanghebbenden moet het hoger beroep worden ingesteld binnen drie maanden, te rekenen van de dag van de uitspraak en door andere belanghebbenden binnen drie maanden na de betekening daarvan of nadat de beschikking hun op andere wijze bekend is geworden. De artikelen 340 en 350, tweede lid, zijn van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat de nieuwe termijn van hoger beroep openstaat voor degene die beroep in cassatie heeft ingesteld. Bij het beroepschrift worden zoveel afschriften gevoegd als er anderen dan hij in eerste aanleg zijn opgeroepen.

  3. 3

    De termijn loopt in zaken die volgens afdeling 7 van titel 5 van Boek 4 van het Burgerlijk Wetboek met een verzoekschrift moeten worden ingeleid, vanaf de dag van de uitspraak, behoudens voor zover het niet verschenen belanghebbenden betreft die, hoewel zij ten tijde van de indiening van het verzoekschrift bekend waren, niet bij name, en zo zij toen onbekend waren, in het geheel niet zijn opgeroepen. Voor de in de vorige zin bedoelde belanghebbenden loopt de termijn vanaf de betekening van de beschikking of het tijdstip waarop de beschikking hun op andere wijze bekend geworden is. Hetzelfde geldt in zaken betreffende executele en vereffening van een nalatenschap.

  4. 4

    Van tussenbeschikkingen kan hoger beroep slechts tegelijk met dat van de eindbeschikking worden ingesteld, tenzij de rechter anders heeft bepaald.

  5. 5

    Indien hoger beroep is ingesteld, kan ondanks het verstrijken van de in de eerste zin van het tweede lid genoemde termijn en ondanks berusting ieder van de aldaar genoemde personen alsnog bij verweerschrift incidenteel hoger beroep instellen.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2026:734Parket bij de Hoge Raad, 17 juli 2026 (insolventierecht)

    Faillissement Conservatrix. Incident in rekestzaak om als belanghebbende voor het eerst in cassatie aan geding deel te nemen. Herziening.

  • ECLI:NL:PHR:2026:683Parket bij de Hoge Raad, 3 juli 2026 (personen- en familierecht)

    Prejudiciële vragen (art. 392 Rv). Jeugdrecht. Vragen over mogelijkheid tot (verlenging van) ondertoezichtstelling door het hof nadat bestaande ondertoezichtstelling is geëindigd na afwijzende…

  • ECLI:NL:PHR:2026:246Parket bij de Hoge Raad, 13 maart 2026 (personen- en familierecht)

    Personen- en familierecht. Jeugdrecht. Ondertoezichtstelling. Hoger beroep tegen afwijzing verlengingsverzoek terwijl ondertoezichtstelling is verlopen. Mag het hof (ambtshalve) een nieuwe…

  • ECLI:NL:PHR:2026:252Parket bij de Hoge Raad, 13 maart 2026 (civiel recht)

    Uitlating in behandeling nemen prejudiciële vragen (art. 392 en art. 393 Rv). Beschermingsbewind (art. 1:431 BW). Forfaitaire verhuiskostenvergoeding bewindvoerder. Is rechthebbende aan te merken als…

  • ECLI:NL:GHAMS:2026:2984Gerechtshof Amsterdam, 20 oktober 2026 (personen- en familierecht)

    wijziging zorgregeling en vaststelling hoofdverblijfplaats.

  • ECLI:NL:GHDHA:2026:3069Gerechtshof Den Haag, 13 oktober 2026 (burgerlijk procesrecht)

    Verzoek voorlopige bewijsverrichtingen. Overwogen procedures tegen bestuurder en zustervennootschappen van gefailleerde onderneming. Toepasselijkheid sinds 1 januari 2025 geldende bewijsrecht. Art…

  • ECLI:NL:GHARL:2026:6347Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 5 oktober 2026 (arbeidsrecht)

    Arbeidszaak. Kantonrechter wijst verzochte uitbetaling van een transitievergoeding en een tegoed aan verlofuren toe, onder afwijzing van het beroep door werkgeefster op verrekening met een schuld uit…

  • ECLI:NL:GHARL:2026:5990Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 17 september 2026 (personen- en familierecht)

    Afwikkeling huwelijkse voorwaarden. Finaal verrekenbeding. Belangenafweging of de man in termijnen de verrekenvordering mag betalen. Wettelijke rente.

810 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.