Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering

Rv

Huidige tekst

Artikel 100 Rv

Bevoegdheid in zaken over arbeid en agentuur redactionele omschrijving

Geldt sinds 30 juli 2020

In zaken betreffende een individuele arbeidsovereenkomst, een agentuurovereenkomst, een collectieve arbeidsovereenkomst of algemeen verbindend verklaarde bepalingen van een collectieve arbeidsovereenkomst is mede bevoegd de rechter van de plaats waar de arbeid gewoonlijk wordt of laatstelijk gewoonlijk werd verricht. In zaken betreffende een individuele arbeidsovereenkomst is, indien de arbeid tijdelijk in Nederland wordt verricht, mede bevoegd de rechter van de plaats waar de werknemer de arbeid tijdelijk verricht, voorzover het betreft een rechtsvordering met betrekking tot arbeidsvoorwaarden en arbeidsomstandigheden, welke is gegrond op artikel 2 van de Wet arbeidsvoorwaarden gedetacheerde werknemers in de Europese Unie, artikel 7, 7a, 13 of 15 van de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag, artikel 2a van de Wet op het algemeen verbindend en het onverbindend verklaren van bepalingen van collectieve arbeidsovereenkomsten, artikel 8, artikel 8a of 11 van de Wet allocatie arbeidskrachten door intermediairs, alsmede artikel 5, eerste lid, onder b, d, e, of f, van de Algemene wet gelijke behandeling.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2009:BJ6596Parket bij de Hoge Raad, 27 november 2009 (civiel recht)

    Arbeidsrecht; kennelijk onredelijk ontslag ex art. 7:681 BW. Beoordeling van een vordering ex art. 7:681 lid 1 en 2 vergt dat eerst, aan de hand van alle omstandigheden van het geval, wordt…

  • ECLI:NL:PHR:2009:BI9630Parket bij de Hoge Raad, 9 oktober 2009 (civiel recht)

    Procesrecht. Tegen een vonnis waarin het verweer van relatieve onbevoegdheid wordt verworpen staat ingevolge art. 110 lid 3 Rv. geen hogere voorziening open. Het hof dient ambtshalve te beoordelen of…

  • ECLI:NL:PHR:2009:BG5056Parket bij de Hoge Raad, 6 februari 2009 (civiel recht)

    Procesrecht. Provisioneel vonnis dat een voorlopige voorziening bevat in de vorm van een toekenning van een voorschot op een in een vonnis in de hoofdzaak uitvoerbaar bij voorraad toegewezen…

  • ECLI:NL:PHR:2009:BG5058Parket bij de Hoge Raad, 6 februari 2009 (civiel recht)

    Procesrecht. Provisioneel vonnis dat een voorlopige voorziening bevat in de vorm van een toekenning van een voorschot op een in een vonnis in de hoofdzaak uitvoerbaar bij voorraad toegewezen…

  • ECLI:NL:RBROT:2026:13338Rechtbank Rotterdam, 2 oktober 2026 (arbeidsrecht)

    Tussenbeschikking. Relatieve bevoegdheid. Plaats waar arbeid gewoonlijk werd verricht.

  • ECLI:NL:RBLIM:2026:8345Rechtbank Limburg, 19 augustus 2026 (burgerlijk procesrecht)

    bevoegdheidsincident. De rechtbank verklaart zich relatief onbevoegd en verwijst de zaak naar de rechtbank van de vestigingsplaats van gedaagde

  • ECLI:NL:RBDHA:2026:19768Rechtbank Den Haag, 16 juli 2026 (arbeidsrecht)

    De kantonrechter te Den Haag is onbevoegd, omdat Den Haag niet de plaats is waar de arbeid hoofdzakelijk werd verricht in de zin van artikel 100 Rv.

  • ECLI:NL:RBLIM:2026:5624Rechtbank Limburg, 18 juni 2026 (arbeidsrecht)

    WWZ - ontbinding op de h- en d-grond afgewezen, toegewezen op de g-grond. Geen billijke vergoeding of nabetaling bonus.

73 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.