Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering

Rv

Huidige tekst

Artikel 170 Rv

Geldt sinds 1 januari 2025

  1. 1

    De namen en woonplaatsen van de getuigen worden ten minste tien dagen voor het verhoor aan de wederpartij en aan de griffier opgegeven. De belanghebbende partij roept de getuigen ten minste tien dagen voor het verhoor bij exploot of bij aangetekende brief op. De dag van de oproeping en de dag van het verhoor worden niet meegerekend bij het bepalen van deze termijn. Indien een partij meer getuigen heeft voorgebracht dan redelijkerwijs noodzakelijk was, kan de rechter daarmee bij de veroordeling in de kosten rekening houden.

  2. 2

    De oproeping maakt melding van dag, uur en plaats van het verhoor, van de feiten waaromtrent bewijs moet worden geleverd en van de gevolgen, verbonden aan het niet verschijnen ter zitting.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2024:236Parket bij de Hoge Raad, 1 maart 2024 (verbintenissenrecht)

    Verbintenissenrecht. Vervolg op HR 16 november 2018, ECLI:NL:HR:2018:2112. Verplichtingen uit overeenkomst inzake aandelenoverdracht. Tekortkoming in nakoming. Uitleg. Redelijkheid en billijkheid.…

  • ECLI:NL:PHR:2020:175Parket bij de Hoge Raad, 21 februari 2020 (civiel recht)

    Verbintenissenrecht. Medische behandelingsovereenkomst. Complicaties ontstaan door gebruik van 'Miragelplombe' bij oogoperatie. Vraag of sprake is van tekortkoming indien een zaak is gebruikt die ten…

  • ECLI:NL:HR:2016:344Hoge Raad, 26 februari 2016 (civiel recht)

    Procesrecht. Voorlopig getuigenverhoor (art. 186 Rv) waarin reeds een rogatoire commissie was gelast, wordt na de sluiting heropend (vgl. HR 13 september 1996, ECLI:NL:HR:1996:ZC2134, NJ 1996/731).…

  • ECLI:NL:HR:2013:BZ8766Hoge Raad, 26 april 2013 (civiel recht)

    Vernietiging ontbindingsovereenkomst arbeidsverhouding wegens dwaling of bedrog, vordering tot restitutie en schadevergoeding wegens onrechtmatig handelen. Aanbod getuigenbewijs in hoger beroep…

  • ECLI:NL:GHDHA:2026:3074Gerechtshof Den Haag, 22 september 2026 (verbintenissenrecht)

    Bewijsopdracht met betrekking tot de inhoud van de tussen partijen gesloten overeenkomst.

  • ECLI:NL:GHAMS:2026:2639Gerechtshof Amsterdam, 1 september 2026 (civiel recht)

    kopje volgt.

  • ECLI:NL:GHARL:2026:5240Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 11 augustus 2026 (civiel recht)

    Geschil over inhoud mondeling gemaakte afspraken tussen ondernemers in de siervissen- en vijverbranche. Bewijsopdracht.

  • ECLI:NL:RBLIM:2026:7731Rechtbank Limburg, 5 augustus 2026 (verbintenissenrecht)

    Eindvonnis na bewijsopdracht. Gedaagde in conventie is niet in zijn bewijsopdracht met betrekking tot contante betaling geslaagd. Vordering tot betaling geldsom toegewezen.

730 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.