Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering

Rv

Huidige tekst

Artikel 557a Rv

Geldt sinds 1 september 2017

  1. 1

    Tenzij zulks onverenigbaar zou zijn met het belang van degene op wiens vordering het bevel wordt gedaan, kan de rechter bepalen dat een vonnis, waarbij aan anderen dan aan gebruikers of gewezen gebruikers krachtens een persoonlijk of zakelijk recht de ontruiming wordt bevolen van een gebouwde onroerende zaak of gedeelte daarvan, binnen een door hem te bepalen termijn niet ten uitvoer kan worden gelegd, onverminderd het recht van de eerstgenoemde op vergoeding van alle geleden of te lijden schade.

  2. 2

    Tenzij zulks onverenigbaar zou zijn met het belang van degene op wiens vordering het bevel tot ontruiming wordt gedaan, bepaalt de rechter dat dit bevel niet ten uitvoer kan worden gelegd, totdat hij omtrent het al dan niet bepalen van een termijn als in het vorige lid bedoeld heeft beslist, na terzake inlichtingen te hebben ingewonnen bij burgemeester en wethouders van de gemeente waarin de onroerende zaak zich bevindt. Hiertoe beveelt hij burgemeester en wethouders binnen een door hem te bepalen termijn hun schriftelijk bericht ter griffie in te leveren of op een door hem te bepalen zitting mondeling verslag te doen of door een door hen aangewezen ambtenaar te laten doen.

  3. 3

    Desgevorderd kan de rechter bepalen dat een vonnis, waarbij aan anderen dan aan gebruikers of gewezen gebruikers krachtens een persoonlijk of zakelijk recht de ontruiming wordt bevolen van een gebouwde onroerende zaak of gedeelte daarvan, tot een jaar na de dag waarop het vonnis wordt uitgesproken dan wel bekrachtigd, of, indien de rechter een termijn bepaalt als bedoeld in het eerste lid, tot een jaar na de dag waarop die datum verstrijkt, ten uitvoer kan worden gelegd tegen een ieder die ten tijde van de tenuitvoerlegging zich daar bevindt of daar binnentreedt en telkens wanneer dat zich voordoet.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:HR:2003:AF0141Hoge Raad, 17 januari 2003 (civiel recht)

    -

  • ECLI:NL:PHR:2003:AF0141Parket bij de Hoge Raad, 17 januari 2003 (civiel recht)

    -

  • ECLI:NL:RBOVE:2026:5874Rechtbank Overijssel, 1 oktober 2026 (civiel recht)

    Ontruiming gekraakte woning.

  • ECLI:NL:RBOVE:2026:5868Rechtbank Overijssel, 21 september 2026 (civiel recht)

    Kort geding. Huur. Ontruiming.

  • ECLI:NL:RBDHA:2026:26870Rechtbank Den Haag, 16 september 2026 (civiel recht)

    Toewijzing gevorderde ontruiming gekraakte woonwagen; belangenafweging huisrecht (art. 8 EVRM) en renovatieplannen gemeente. Renovatieplannen voor het woonwagenpark voldoende concreet onderbouwd…

  • ECLI:NL:RBAMS:2026:9250Rechtbank Amsterdam, 15 september 2026 (civiel recht)

    De voorzieningenrechter veroordeelt gedaagden binnen drie dagen na betekening van dit vonnis de woning en het perceel met de zich daarop bevindende opstallen, kadastraal bekend Amstelveen sectie W…

  • ECLI:NL:RBOVE:2026:5519Rechtbank Overijssel, 14 september 2026 (civiel recht)

    Kort geding. Ontruiming krakers.

  • ECLI:NL:RBOBR:2026:6647Rechtbank Oost-Brabant, 11 september 2026 (civiel recht)

    Het huisrecht van de krakers weegt niet op tegen het belang van de gemeente om vrijelijk te kunnen beschikken over haar perceel. De gemeente heeft terzake het terrein een koopovereenkomst gesloten…

337 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.