Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering

Rv

Huidige tekst

Artikel 245 Rv

Geldt sinds 1 september 2008

  1. 1

    Indien blijkt dat een partij niet bestaat, of dat zij niet rechtsgeldig in het geding is verschenen doordat een daartoe niet bevoegde voor haar is opgetreden of tot het voeren van een geding opdracht heeft gegeven, geschiedt een veroordeling in de kosten, wanneer daartoe aanleiding is, in plaats van ten laste van de partij in naam van wie in rechte is opgetreden, ten laste van de gemachtigde of advocaat van die partij, of van degene die tot het voeren van het geding opdracht heeft gegeven, in het eerste geval onverminderd het verhaal van die advocaat of gemachtigde op zijn opdrachtgever.

  2. 2

    Alvorens aldus te beslissen, stelt de rechter de betrokkene in de gelegenheid zijn standpunt naar voren te brengen en toe te lichten.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2025:195Parket bij de Hoge Raad, 14 februari 2025 (verbintenissenrecht)

    Overeenkomstenrecht. Procesrecht. Verlenen juridische bijstand tegen vaste prijs. Afspraak over verrichten meerwerk tegen uurtarieven? Eisen aan stelplicht. Passeren van bewijsaanbod. Verzoek om…

  • ECLI:NL:HR:2022:853Hoge Raad, 10 juni 2022 (verbintenissenrecht)

    Art. 81 lid 1 RO. Procesrecht. Verbintenissenrecht. Faillissementsrecht. Rechtsgevolg van niet-betwisting door gefailleerde koper van in haar faillissement ter verificatie ingediende vordering van…

  • ECLI:NL:PHR:2022:37Parket bij de Hoge Raad, 21 januari 2022 (insolventierecht)

    Faillissements(proces)recht; verrekening ex art. 53 Fw; gevolgen schorsing ex art. 29 Fw na beëindiging faillissement door verbindend worden slotuitdelingslijst; analogie met HR 11 januari 2013…

  • ECLI:NL:PHR:2020:593Parket bij de Hoge Raad, 12 juni 2020 (civiel recht)

    Art. 81 lid 1 RO. Rechtspersonenrecht. Verbodenverklaring en ontbinding van informele vereniging (motorclub) en van twee onzelfstandige support clubs. Miskenning van toepasselijkheid van…

  • ECLI:NL:RBOBR:2026:5163Rechtbank Oost-Brabant, 30 juli 2026 (civiel recht)

    Luchtvaartzaaak, Verordening EU 261/2004, eindbeslissing. Afwijzing vorderingen; en 1 verzoeker niet-ontvankelijk. Veroordeling van gemachtigde in deel van proceskosten op de voet van artikel 245 lid…

  • ECLI:NL:RBOBR:2026:4886Rechtbank Oost-Brabant, 23 juli 2026 (civiel recht)

    eindvonnis. Niet kan worden vastgesteld dat er een toereikende procesvolmacht is aan de kant van Passagiers. Digitaal ondertekende procesvolmacht zonder daarbij kopie van identiteitsbewijzen.…

  • ECLI:NL:RBDHA:2026:16928Rechtbank Den Haag, 6 mei 2026 (ondernemingsrecht)

    Eindvonnis na tussenvonnis (ECLI:NL:RBDHA:2025:25456).

  • ECLI:NL:RBOBR:2026:2212Rechtbank Oost-Brabant, 9 april 2026 (civiel recht)

    Luchtvaart. Tussenvonnis. Voor een deel van de passagiers kan niet worden vastgesteld dat er een toereikende procesvolmacht is. Voornemen om gemachtigde in plaats van die passagier te veroordelen in…

176 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.