Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering

Rv

Huidige tekst

Artikel 149 Rv

Feiten die als vaststaand gelden redactionele omschrijving

Geldt sinds 1 januari 2002

  1. 1

    Tenzij uit de wet anders voortvloeit, mag de rechter slechts die feiten of rechten aan zijn beslissing ten grondslag leggen, die in het geding aan hem ter kennis zijn gekomen of zijn gesteld en die overeenkomstig de voorschriften van deze afdeling zijn komen vast te staan. Feiten of rechten die door de ene partij zijn gesteld en door de wederpartij niet of niet voldoende zijn betwist, moet de rechter als vaststaand beschouwen, behoudens zijn bevoegdheid bewijs te verlangen, zo vaak aanvaarding van de stellingen zou leiden tot een rechtsgevolg dat niet ter vrije bepaling van partijen staat.

  2. 2

    Feiten of omstandigheden van algemene bekendheid, alsmede algemene ervaringsregels mogen door de rechter aan zijn beslissing ten grondslag worden gelegd, ongeacht of zij zijn gesteld, en behoeven geen bewijs.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2026:937Parket bij de Hoge Raad, 2 oktober 2026 (verbintenissenrecht)

    Verbintenissenrecht. Procesrecht. Aanneming van werk. Recht op schadevergoeding jegens aannemer? Toepasselijkheid algemene voorwaarden. Gerechtelijke erkentenis (art. 154 Rv). Waardering…

  • ECLI:NL:PHR:2026:939Parket bij de Hoge Raad, 2 oktober 2026 (mededingingsrecht)

    Mededingingsrecht. Kartelschade. Wereldwijde kartels op markten voor kathodestraalbuizen voor televisieschermen en computerschermen. Aantal karteldeelnemers aangesproken door Braziliaanse afnemer.…

  • ECLI:NL:PHR:2026:940Parket bij de Hoge Raad, 2 oktober 2026 (internationaal privaatrecht)

    Mededingingsrecht. Kartelschade. Wereldwijde kartels op markten voor kathodestraalbuizen voor televisieschermen en computerschermen. Aantal karteldeelnemers aangesproken door Braziliaanse afnemer.…

  • ECLI:NL:PHR:2026:892Parket bij de Hoge Raad, 22 september 2026 (strafrecht)

    Conclusie AG. Veroordeling wegens o.a. medeplegen van diefstal d.m.v. valse sleutel. Middel klaagt over door hof toegewezen vordering benadeelde partij t.a.v. post 'sieraden', welke post door…

  • ECLI:NL:RBGEL:2026:7548Rechtbank Gelderland, 30 september 2026 (verbintenissenrecht)

    Gebod tot doen van aanbod tot leveren van transport van elektriciteit en inzageverzoek (art. 195 Rv). Vordering en verzoek worden afgewezen. Geen belang bij inzage in deze fase van de procedure.…

  • ECLI:NL:RBROT:2026:12655Rechtbank Rotterdam, 24 september 2026 (arbeidsrecht)

    Arbeidsrecht. Werkgever heeft bij niet voortzetten arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd een verboden onderscheid gemaakt. Aan werknemer wordt een billijke vergoeding toegekend. Verder heeft…

  • ECLI:NL:GHARL:2026:5939Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 15 september 2026 (civiel recht)

    Tussenarrest: bewijsopdracht met betrekking tot de vraag wie de contractspartij is.

  • ECLI:NL:PHR:2026:839Parket bij de Hoge Raad, 4 september 2026 (burgerlijk procesrecht)

    Procesrecht. Vervolg op HR 22 december 2023, ECLI:NL:HR:2023:1805. Vordering tot uitbetaling van een in depot gesteld deel verkoopopbrengst onroerende zaak. Miskenning tweeconclusieregel (art. 347 Rv…

1.221 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.