Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering

Rv

Huidige tekst

Artikel 115 Rv

Geldt sinds 1 mei 2023

  1. 1

    Indien de gedaagde een bekende woonplaats of een bekend werkelijk verblijf buiten Nederland heeft in een Staat waar de in artikel 56, eerste lid, bedoelde verordening van toepassing is, of in een Staat die in Europa is gelegen en die partij is bij het op 15 november 1965 te 's-Gravenhage tot stand gekomen Verdrag inzake de betekening en de kennisgeving in het buitenland van gerechtelijke en buitengerechtelijke stukken in burgerlijke en in handelszaken (Trb. 1966, 91), is de termijn van dagvaarding ten minste vier weken.

  2. 2

    Indien de gedaagde noch in Nederland, noch in een Staat als bedoeld in het eerste lid, een bekende woonplaats of een bekend werkelijk verblijf heeft, is de termijn van dagvaarding ten minste drie maanden.

  3. 3

    Indien de gedaagde in Nederland geen bekende woonplaats of bekend werkelijk verblijf heeft, is de termijn van dagvaarding in afwijking van het eerste en tweede lid ten minste een week, indien het exploot in Nederland wordt gedaan aan de gedaagde in persoon, dan wel aan een door de gedaagde voor deze zaak gekozen woonplaats.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2024:1280Parket bij de Hoge Raad, 6 december 2024 (burgerlijk procesrecht)

    Appelprocesrecht, aanvang beroepstermijn (art. 339 Rv), verschoonbare termijnoverschrijding na beweerdelijke apparaatsfout, invloed onttrekking advocaat op aanvang beroepstermijn?

  • ECLI:NL:HR:2019:1283Hoge Raad, 19 juli 2019 (burgerlijk procesrecht)

    Verstekverlening in cassatie. Regelgeving inzake digitaal procederen (KEI). Betekening van oproepingsbericht en procesinleiding na uiterste verschijndatum (art. 30a lid 3, onder c, Rv en art. 112…

  • ECLI:NL:PHR:2019:484Parket bij de Hoge Raad, 9 april 2019 (civiel recht)

    Prejudiciële vragen (art. 392 Rv). Kan en moet de deurwaarder een exploot uitbrengen aan een in de basisregistratie personen (BRP) opgenomen briefadres in plaats van openbaar te betekenen op de voet…

  • ECLI:NL:PHR:2018:207Parket bij de Hoge Raad, 23 februari 2018 (civiel recht)

    Procesrecht. Verstekverlening in cassatie. Toelaatbaarheid van kantoorbetekening van rechtsmiddelexploot (art. 63 lid 1 Rv) bestemd voor een persoon die woonplaats heeft buiten Nederland, in dit…

  • ECLI:NL:RBMNE:2026:6560Rechtbank Midden-Nederland, 15 september 2026 (civiel recht)

    Dagvaarding nietig.

  • ECLI:NL:RBGEL:2026:7171Rechtbank Gelderland, 9 september 2026 (burgerlijk procesrecht)

    IPR (rechtsmacht en toepasselijk recht) en toepassing Duits recht, na een Europese betalingsbevelprocedure waarin verweer wordt gevoerd. Zie ook de eerdere vonnissen, ECLI:NL:RBGEL:2025:9817 en…

  • ECLI:NL:RBAMS:2026:3470Rechtbank Amsterdam, 7 april 2026 (internationaal privaatrecht)

    IPR verstek - betekening Algerije, art. 55 Rv - rechtsmacht op grond van artikel 6 onder a Rv - NL recht van toepassing o.g.v. art. 4 lid 1 sub b Rome I.

  • ECLI:NL:RBGEL:2026:5276Rechtbank Gelderland, 1 april 2026 (internationaal privaatrecht)

    Verstekvonnis, internationaal karakter.

94 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.