Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering

Rv

Huidige tekst

Artikel 4 Rv

Rechtsmacht in echtscheiding en andere huwelijkszaken redactionele omschrijving

Geldt sinds 1 juli 2025

  1. 1

    Indien de Verordening (EU) nr. 2019/1111 van de Raad van 25 juni 2019 betreffende de bevoegdheid, erkenning en tenuitvoerlegging van beslissingen in huwelijkszaken en inzake de ouderlijke verantwoordelijkheid, en betreffende internationale kinderontvoering (PbEU L178) niet van toepassing is, wordt de rechtsmacht van de rechter met betrekking tot echtscheiding, scheiding van tafel en bed en ontbinding van het huwelijk na scheiding van tafel en bed, nietigverklaring, alsmede nietigheid en geldigheid van het huwelijk uitsluitend bepaald overeenkomstig de artikelen 3, 4 en 5 van deze verordening.

  2. 2

    Heeft de Nederlandse rechter rechtsmacht met betrekking tot echtscheiding, scheiding van tafel en bed en ontbinding van het huwelijk na scheiding van tafel en bed, nietigheid, nietigverklaring of geldigheid van huwelijken, dan heeft hij, voorzover de in het eerste lid genoemde verordening daarop niet van toepassing is en onverminderd artikel 1, tevens rechtsmacht tot het treffen van voorlopige en bewarende maatregelen voorzover die verband houden met echtscheiding, scheiding van tafel en bed en ontbinding van het huwelijk na scheiding van tafel en bed, nietigverklaring, alsmede nietigheid en geldigheid van huwelijken.

  3. 3

    Heeft de Nederlandse rechter rechtsmacht met betrekking tot echtscheiding, scheiding van tafel en bed en ontbinding van het huwelijk na scheiding van tafel en bed, nietigheid, nietigverklaring of geldigheid van huwelijken, dan heeft hij, voorzover de in het eerste lid genoemde verordening daarop niet van toepassing is en onverminderd artikel 1, tevens rechtsmacht ter zake van daarmee verband houdende nevenvoorzieningen, met dien verstande a. dat met betrekking tot de voorzieningen als bedoeld in artikel 827, eerste lid, onder d en f, de Nederlandse rechter uitsluitend rechtsmacht heeft als de woning in Nederland is gelegen, en b. dat met betrekking tot verzoeken tot regeling van het gezag en het omgangsrecht de Nederlandse rechter zich onbevoegd verklaart indien hij zich, wegens de geringe verbondenheid van de zaak met de rechtssfeer van Nederland, niet in staat acht het belang van het kind naar behoren te beoordelen.

  4. 4

    Met betrekking tot het geregistreerd partnerschap zijn het eerste tot en met het derde lid van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat de Nederlandse rechter steeds rechtsmacht heeft indien het geregistreerd partnerschap in Nederland is aangegaan.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2024:174Parket bij de Hoge Raad, 16 februari 2024 (personen- en familierecht)

    Internationaal privaatrecht. Personen- en familierecht. Procesrecht. Verzoek afgifte bruidsgave; Iraans recht; miskenning devolutieve werking appel?; in hoger beroep verweer gevoerd tegen toepassing…

  • ECLI:NL:PHR:2020:442Parket bij de Hoge Raad, 4 mei 2020 (civiel recht)

    Procesrecht. Verstekverlening. "Corona-betekening" aan natuurlijke persoon, waarbij niet wordt aangebeld, maar direct afschrift van het exploot in de brievenbus van het woonadres wordt gedaan.…

  • ECLI:NL:PHR:2020:216Parket bij de Hoge Raad, 6 maart 2020 (civiel recht)

    Cassatieprocesrecht. Exploot van oproepingsbericht betekend aan onjuist adres. Nietigheid exploot. Art. 121 lid 3 Rv. Weigering verstek.

  • ECLI:NL:PHR:2019:1331Parket bij de Hoge Raad, 22 november 2019 (burgerlijk procesrecht)

    Procesrecht. Door vof op eigen naam ingestelde vordering; vordering in reconventie tegen afzonderlijke vennoten mogelijk? Ambtshalve of op verzoek in het geding roepen afzonderlijke vennoten (art.…

  • ECLI:NL:OGEAC:2026:197Gerecht in eerste aanleg van Curaçao, 20 oktober 2026 (civiel recht)

    Kort geding. Executiegeschil. Tenuitvoerlegging hypothecaire akte. Schuldenaar in in verzuim? Betekening van exploot tot aanzegging van executie.

  • ECLI:NL:RBDHA:2026:28450Rechtbank Den Haag, 28 augustus 2026 (personen- en familierecht)

    Echtscheiding met nevenvoorzieningen zonder verweer. Huwelijksvermogensrechtverordening van toepassing, Nederland nauwst verbonden.

  • ECLI:NL:GHAMS:2026:2279Gerechtshof Amsterdam, 18 augustus 2026 (personen- en familierecht)

    Kort geding over terugkeer moeder met kinderen uit Canada. Vader vordert gezagsbeslissing die terugkeer meebrengt. Nederlandse rechter is bevoegd (Brussel II-ter). Vader niet-ontvankelijk voor zover…

  • ECLI:NL:RBDHA:2026:27130Rechtbank Den Haag, 18 augustus 2026 (personen- en familierecht)

    Voorlopige partneralimentatie over een periode in het verleden tot datum afwijzing echtscheiding vanwege geslaagd pensioen verweer, IPR.

478 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.