Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering

Rv

Huidige tekst

Artikel 198 Rv

Uitvoering van het deskundigenonderzoek redactionele omschrijving

Geldt sinds 1 januari 2025

  1. 1

    Op het verzoek om een of meer voorlopige bewijsverrichtingen wordt pas beslist nadat een behandeling heeft plaatsgevonden, waartoe de verzoeker en de wederpartij worden opgeroepen. Een mondelinge behandeling kan achterwege blijven als de wederpartij onbekend is, in geval van onverwijlde spoed of als de opgeroepen wederpartij schriftelijk heeft meegedeeld geen bezwaar te hebben tegen inwilliging van het verzoek.

  2. 2

    Als de rechter het verzoek om een of meer voorlopige bewijsverrichtingen toestaat, bepaalt hij de dag waarop de verzoeker uiterlijk een afschrift van het verzoekschrift, als dit nog niet is toegezonden, en van de beschikking aan de wederpartij, als die bekend is, moet doen toekomen. Een afschrift van het verzoekschrift en van de beschikking wordt bij aangetekende brief verzonden of bij exploot betekend.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2024:1323Parket bij de Hoge Raad, 6 december 2024 (burgerlijk procesrecht)

    Verdeling gemeenschap; benoeming taxateur; heeft de verdelingsrechter ex art. 3:185 BW jo. 679 lid 2 Rv de mogelijkheid om bindend taxateur aan te wijzen?; maatstaf totstandkoming overeenkomst tot…

  • ECLI:NL:PHR:2023:308Parket bij de Hoge Raad, 17 maart 2023 (burgerlijk procesrecht)

    Letselschade. Procesrecht. Beoordeling condicio sine qua non-verband tussen (whiplash)klachten en ongeval. Omkeringsregel. Bewijsvermoeden. Motivering verwerping van tegen deskundigenbericht…

  • ECLI:NL:HR:2022:1445Hoge Raad, 14 oktober 2022 (civiel recht)

    Onrechtmatige daad. Aansprakelijkheid van gerechtelijk deskundige. Zorgvuldigheid die van een redelijk bekwaam en redelijk handelend deskundige mag worden verwacht.

  • ECLI:NL:HR:2022:583Hoge Raad, 22 april 2022 (burgerlijk procesrecht)

    Erfrecht. Verdeling. Procesrecht. Waardering overbedelingsvorderingen; waardedrukkende invloed van latente belastingclaim in verband met 'doorschuiven' (art. 4.17 (oud) Wet IB 2001). Contante waarde.…

  • ECLI:NL:GHARL:2026:5933Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 15 september 2026 (civiel recht)

    Verzoek voorlopig getuigenverhoor, 196 Rv. Hoger beroep tegen afwijzing. Het hof wijst het verzoek tot voorlopig getuigenverhoor in hoger beroep alsnog toe en vernietigt de beschikking van de…

  • ECLI:NL:RBDHA:2026:29865Rechtbank Den Haag, 9 september 2026 (personen- en familierecht)

    Tussenbeschikking vervangende toestemming erkenning, verwekkerschap in geschil. DNA-onderzoek

  • ECLI:NL:RBGEL:2026:6842Rechtbank Gelderland, 2 september 2026 (civiel recht)

    Verzoek voorlopig getuigenverhoor. Nieuw bewijsrecht. Artikel 196 en 197 Rv. Verzoek deels en onder voorwaarden toegewezen. Voorlopig getuigenverhoor toegestaan op beperkte onderwerpen, namelijk…

  • ECLI:NL:RBMNE:2026:3448Rechtbank Midden-Nederland, 20 mei 2026 (personen- en familierecht)

    OTS, MUHP. Toewijzing van een verzoek tot contra-expertise (810a lid 2 Rv) van de moeder, overwegingen over het perspectiefbesluit.

634 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.