Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering

Rv

Huidige tekst

Artikel 3 Rv

Rechtsmacht in verzoekschriftzaken redactionele omschrijving

Geldt sinds 1 mei 2006

In zaken die bij verzoekschrift moeten worden ingeleid, met uitzondering van zaken als bedoeld in de artikelen 4 en 5, heeft de Nederlandse rechter rechtsmacht indien: a.hetzij de verzoeker of, indien er meer verzoekers zijn, een van hen, hetzij een van de in het verzoekschrift genoemde belanghebbenden in Nederland zijn woonplaats of gewone verblijfplaats heeft, b.het verzoek betrekking heeft op een bij dagvaarding ingeleid of in te leiden geding ten aanzien waarvan de Nederlandse rechter rechtsmacht heeft, of c.de zaak anderszins voldoende met de rechtssfeer van Nederland verbonden is.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2026:842Parket bij de Hoge Raad, 4 september 2026 (internationaal privaatrecht)

    Prejudiciële vragen. Internationaal privaatrecht. Internationale bevoegdheid van de Nederlandse rechter om beslissing te geven op grond van art. 431 lid 2 Rv. Betekenis van HvJ EU 7 april 2022…

  • ECLI:NL:PHR:2025:390Parket bij de Hoge Raad, 28 maart 2025 (internationaal privaatrecht)

    Binnenvaartrecht. Internationaal privaatrecht. Procesrecht. Mogelijkheid voor eigenaar binnenvaartschip om o.g.v. CLNI 2012 fonds te vormen ter beperking van aansprakelijkheid voor aanvaring in…

  • ECLI:NL:PHR:2023:902Parket bij de Hoge Raad, 13 oktober 2023 (personen- en familierecht)

    Internationaal privaatrecht. Personen- en familierecht. Erkenning en tenuitvoerlegging Amerikaanse onderhoudsbeslissingen; toepassing Verdrag Nederland-Verenigde Staten inzake geldendmaking van…

  • ECLI:NL:HR:2020:956Hoge Raad, 29 mei 2020 (civiel recht)

    Vervoersrecht. IPR. Procedure tot fondsvorming ingevolge art. 11 lid 1 Verdrag en Protocol inzake beperking van aansprakelijkheid voor maritieme vorderingen (LLMC). Uitleg van LLMC; Verdrag van Wenen…

  • ECLI:NL:RBDHA:2026:30246Rechtbank Den Haag, 9 oktober 2026 (intellectueel-eigendomsrecht)

    Prejudiciële vraag aan de Hoge Raad. Dient – in geval van een verzoek ex artikel 195a Rv – ‘de zaak’ in artikel 197 lid 1, eerste volzin Rv te worden uitgelegd als de zaak tussen verzoeker en de…

  • ECLI:NL:GHARL:2026:6389Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 6 oktober 2026 (personen- en familierecht)

    Toewijzen verzoek tot herroeping adoptie. Langdurige en bestendige wens. Voor- en achternaam inmiddels gewijzigd. Geen contact met adoptiefouders meer. Hechtingsproblematiek. Identiteit.

  • ECLI:NL:RBDHA:2026:28530Rechtbank Den Haag, 28 september 2026 (civiel recht)

    Verzoek onderbewindstelling en instelling mentorschap van een betrokkene met Nederlandse nationaliteit die momenteel nog in Sri Lanka verblijft maar waarvan verhuizing naar Nederland geanticipeerd…

  • ECLI:NL:RBROT:2026:14572Rechtbank Rotterdam, 23 september 2026 (personen- en familierecht)

    Niet voldaan aan alle voorwaarden van artikel 431 Rv voor erkenning van een Syrische voogdijbeslissing in Nederland. Tante naar Nederlands recht benoemd tot voogd.

1.257 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.