Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering

Rv

Huidige tekst

Artikel 479g Rv

Geldt sinds 1 januari 2021

  1. 1

    Indien de raad voor de kinderbescherming executant is dan wel, indien ingevolge het bepaalde in artikel 408, tweede lid, van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek het Landelijk Bureau Inning Onderhoudsbijdragen is belast met de invordering van onderhoudsgelden, kan hij dit beslag leggen hetzij op de gewone wijze, hetzij door van de beschikking in afschrift mededeling te doen aan de derde-beslagene. In het laatste geval zendt deze die schriftelijke kennisgeving voor "gezien" getekend aan de raad voor de kinderbescherming of het Landelijk Bureau Inning Onderhoudsbijdragen terug. Eerst door deze terugzending is het beslag voltooid. Indien het beslag op deze wijze wordt gelegd, komen de in de artikelen 475g, 475ga, 475gb en 475i, tweede tot en met vijfde lid, aan de deurwaarder toegekende bevoegdheden en verplichtingen gelijkelijk toe aan de raad voor de kinderbescherming of het Landelijk Bureau Inning Onderhoudsbijdragen.

  2. 2

    De raad voor de kinderbescherming en het Landelijk Bureau Inning Onderhoudsbijdragen kunnen beslag leggen op de dag, volgende op die waarop de uitkering moet geschieden, zonder voorafgaande betekening of bevel tot betaling als bedoeld in artikel 432.

  3. 3

    Toezending door de executant van een afschrift der kennisgeving bij aangetekende brief aan de geëxecuteerde binnen zeven dagen na de dag, waarop die kennisgeving, voor "gezien" getekend, door de executant van de derde-beslagene is terugontvangen, geldt als de betekening, bij artikel 475i voorgeschreven.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2026:935Parket bij de Hoge Raad, 2 oktober 2026 (civiel recht)

    Beslag- en executierecht. Art. 474g Rv Curaçao. Nietigheid beslag(exploot). Concordantiebeginsel. Art. 66 Rv NL. Onderhandse of openbare executoriale verkoop aandelen. Opbrengstmaximalisatie.…

  • ECLI:NL:PHR:2014:2109Parket bij de Hoge Raad, 7 november 2014 (personen- en familierecht)

    Art. 81 lid 1 RO. Executierecht. Vordering tot tenuitvoerlegging bij lijfsdwang ter incasso van kinderalimentatie, art. 585-590 Rv. Mogelijkheid tot verhaal; begrip ‘woonplaats’, art. 440 lid 1 onder…

  • ECLI:NL:PHR:2011:BQ0528Parket bij de Hoge Raad, 8 juli 2011 (personen- en familierecht)

    Familierecht. Eigen Recht LBIO o.g.v. art. 1:401 BW tot inning onderhoudsbijdragen met opslagkosten na wijzigen van beschikking? De wijziging van de kinderalimentatie bij latere beschikking met…

  • ECLI:NL:PHR:2003:AO0418Parket bij de Hoge Raad, 19 december 2003 (civiel recht)

    19 december 2003 Eerste Kamer Rek.nr. R03/042HR JMH Hoge Raad der Nederlanden Beschikking in de zaak van: [Verzoeker], wonende te [woonplaats], VERZOEKER tot cassatie, advocaat: mr. drs. R.A. van der…

  • ECLI:NL:RBOVE:2026:5435Rechtbank Overijssel, 28 augustus 2026 (civiel recht)

    Executiegeschil. Het beslag wordt niet opgeheven.

  • ECLI:NL:GHSHE:2020:1055Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 24 maart 2020 (civiel recht)

    Vordering opheffing vereenvoudigd executoriaal derdenbeslag. Artikel 479 g Rv. Vordering verklaring voor recht dat dit beslag onrechtmatig is.

  • ECLI:NL:GHSHE:2019:2403Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 9 juli 2019 (civiel recht)

    executiegeschil m.b.t. gelegd loonbeslag, hoogte van de inhouding mag niet verder gaan dan de bij besluit vastgestelde aflossingscapaciteit

  • ECLI:NL:OGEAM:2016:71Gerecht in eerste aanleg van Sint Maarten, 18 oktober 2016 (civiel recht)

    Beslag en executierecht. Derdenverklaringsprocedure.

18 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.