Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering

Rv

Huidige tekst

Artikel 277 Rv

Geldt sinds 1 mei 2023

  1. 1

    De oproeping bij brief van verzoekers of belanghebbenden die geen bekende woonplaats of bekend werkelijk verblijf in Nederland hebben, maar wel een bekende woonplaats of een bekend werkelijk verblijf in een Staat waar de verordening (EU) 2020/1784 van het Europees Parlement en de Raad van 25 november 2020 inzake de betekening en de kennisgeving in de lidstaten van gerechtelijke en buitengerechtelijke stukken in burgerlijke of in handelszaken (de betekening en kennisgeving van stukken) van toepassing is, geschiedt door rechtstreekse verzending overeenkomstig artikel 18 van de verordening. In plaats daarvan mag het gerecht ook een vertaling van de oproeping verzenden in een taal als bedoeld in artikel 12, eerste lid, van de verordening. Het gerecht maakt in de oproeping melding van de verzending, alsmede van het volgende: a.de datum van verzending; b.de wijze van verzending; c.of een vertaling is verzonden en zo ja, in welke taal; d.de mededeling in een van de in artikel 12, eerste lid, van de verordening bedoelde talen, dat degene voor wie het stuk bestemd is, dit mag weigeren als het niet gesteld is in of niet vergezeld gaat van een vertaling in een van de in artikel 12, eerste lid, van de verordening bedoelde talen en dat geweigerde stukken naar hem moeten worden gezonden.

  2. 2

    Het gerecht mag de oproeping ook verrichten door verzending daarvan aan een ontvangende instantie als bedoeld in artikel 3, tweede lid, van de verordening, ter betekening aan degene voor wie de oproeping bestemd is, via het systeem zoals bedoeld in artikel 5, eerste lid, van de verordening of via alternatieve middelen van verzending in het geval van artikel 5, vierde lid, van de verordening. Indien de oproeping niet is opgesteld in een van de in artikel 12, eerste lid, van de verordening bedoelde talen, verzendt het gerecht ook een vertaling in een taal als bedoeld in artikel 12, eerste lid, van de verordening.» Het gerecht maakt in de oproeping melding van de verzending, alsmede van volgende gegevens: a.de datum van verzending; b.de naam en het adres van de ontvangende instantie; c.de wijze van verzending; d.in het geval van artikel 5 lid 4 van de verordening, de reden van de verzending met alternatieve middelen; e.of een vertaling is meegezonden en, zo ja, in welke taal; f.de taal waarin het formulier als bedoeld in artikel 8, tweede lid, van de verordening is ingevuld; g.de gevraagde wijze van betekening.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2023:698Parket bij de Hoge Raad, 30 juni 2023 (civiel recht)

    Gezagsbeëindiging. Procesrecht. Behoorlijke oproeping.

  • ECLI:NL:PHR:2020:45Parket bij de Hoge Raad, 17 januari 2020 (civiel recht)

    Wet Bopz. Voorlopige machtiging. Horen van betrokkene, art. 8 lid 1 Wet Bopz (oud). Bereidheid betrokkene om zich te doen horen.

  • ECLI:NL:PHR:2019:788Parket bij de Hoge Raad, 23 juli 2019 (civiel recht)

    Wet Bopz. Voorlopige machtiging. Horen van betrokkene, art. 8 lid 1 Wet Bopz. Betrokkene is gehoord tijdens mondelinge behandeling die wordt aangehouden tot nader te bepalen datum en tijdstip. Moet…

  • ECLI:NL:HR:2019:1279Hoge Raad, 19 juli 2019 (ondernemingsrecht)

    Ondernemingsrecht. Enquêterecht. Procesrecht. Ondernemingskamer stelt wanbeleid vast van naamloze vennootschap en stelt vast wie daarvoor verantwoordelijk zijn. Klachten dat een niet-verschenen…

  • ECLI:NL:RBOBR:2022:5104Rechtbank Oost-Brabant, 10 oktober 2022 (personen- en familierecht)

    Verzoek om de kosten voor de vertaling van processtukken door de rechtbank/het rijk te laten betalen. De rechtbank concludeert dat verzoeker zelf verantwoordelijk is voor het betalen van de vertaling…

  • ECLI:NL:RBROT:2021:12057Rechtbank Rotterdam, 30 november 2021 (arbeidsrecht)

    Ontbinding op e-grond, schending re-integratieverplichtingen, geen contact

  • ECLI:NL:GHDHA:2021:1550Gerechtshof Den Haag, 18 augustus 2021 (personen- en familierecht)

    Ontvankelijkheid hoger beroep. De vrouw is in eerste aanleg opgeroepen als zijnde met onbekende woon- of verblijfplaats maar had een bekend adres in een EU-lidstaat. Datum waarop de appeltermijn is…

  • ECLI:NL:GHARL:2021:2177Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 2 maart 2021 (personen- en familierecht)

    Ontvankelijkheid appèl. Aanvang van de appèltermijn en verzending van de uitspraak aan de niet verschenen belanghebbende zonder bekende woon- of verblijfplaats. (artt. 806 en 806 Rv).

35 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.