Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering

Rv

Huidige tekst

Artikel 1027 Rv

Wijze van benoeming van arbiters redactionele omschrijving

Geldt sinds 1 januari 2015

  1. 1

    De arbiter of arbiters worden benoemd op de wijze zoals de partijen zijn overeengekomen. De partijen kunnen de benoeming van de arbiter of arbiters, of van een of meer hunner, aan een derde opdragen. Indien geen wijze van benoeming is overeengekomen, worden de arbiter of arbiters door de partijen gezamenlijk benoemd.

  2. 2

    De benoeming dient te geschieden binnen drie maanden nadat de zaak aanhangig is, tenzij de arbiter of arbiters reeds voordien zijn benoemd. Indien evenwel een der gevallen bedoeld in artikel 1026, tweede lid, zich voordoet, vangt de termijn van drie maanden aan op de dag dat het aantal der arbiters is bepaald. De termijnen kunnen door de partijen bij overeenkomst worden bekort of verlengd.

  3. 3

    Vindt de benoeming van de arbiter of arbiters niet binnen de in het vorige lid bedoelde termijn plaats, dan worden de ontbrekende arbiter of arbiters, op verzoek van de meest gerede partij, benoemd door de voorzieningenrechter van de rechtbank. De wederpartij wordt in de gelegenheid gesteld, te worden gehoord.

  4. 4

    De voorzieningenrechter of de derde benoemt de arbiter of arbiters ongeacht de vraag of de overeenkomst tot arbitrage geldig is. Door mede te werken aan de benoeming van de arbiter of arbiters verliezen de partijen niet het recht om een beroep te doen op de onbevoegdheid van het scheidsgerecht wegens het ontbreken van een geldige overeenkomst tot arbitrage.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2024:103Parket bij de Hoge Raad, 26 januari 2024 (civiel recht)

    Mediation. Is een mediationclausule (in een arbitraal beding) rechtens afdwingbaar?

  • ECLI:NL:PHR:2024:44Parket bij de Hoge Raad, 12 januari 2024 (burgerlijk procesrecht)

    Procesrecht. Investeringsarbitrage. Vernietigingsprocedure. Onteigeningen na incorporatie van de Krim. Bevoegdheid scheidsgerecht. Materieel en temporeel toepassingsbereik BIT tussen Oekraïne en…

  • ECLI:NL:PHR:2024:45Parket bij de Hoge Raad, 12 januari 2024 (burgerlijk procesrecht)

    Procesrecht. Investeringsarbitrage. Vernietigingsprocedure. Onteigeningen na incorporatie van de Krim. Bevoegdheid scheidsgerecht. Materieel toepassingsbereik BIT tussen Oekraïne en Russische…

  • ECLI:NL:PHR:2024:47Parket bij de Hoge Raad, 12 januari 2024 (burgerlijk procesrecht)

    Procesrecht. Investeringsarbitrage. Vernietigings- en herroepingsprocedure procedure. Onteigeningen na incorporatie van de Krim. Bevoegdheid scheidsgerecht (art. 1065 lid 1 sub a BW). Materieel…

  • ECLI:NL:RBDHA:2025:27182Rechtbank Den Haag, 14 november 2025 (verbintenissenrecht)

    Civiel recht, kort geding, ondernemingsrecht, verbintenissenrecht Geschil tussen verenigingen (nationale en overkoepelende entiteit) op het gebied van ornithologie waarin diverse vorderingen zijn…

  • ECLI:NL:RBROT:2025:15806Rechtbank Rotterdam, 30 juli 2025 (burgerlijk procesrecht)

    Vordering tot onbevoegdverklaring afgewezen. Geen sprake van een arbitragebeding waarmee partijen vrijwillig en ondubbelzinnig afstand hebben gedaan van het recht op toegang tot de overheidsrechter.

  • ECLI:NL:RBROT:2024:8002Rechtbank Rotterdam, 15 juli 2024 (civiel recht)

    Benoeming arbiters. Verdeling tandartsmaatschap. Tussenuitspraak.

  • ECLI:NL:RBAMS:2024:1268Rechtbank Amsterdam, 21 februari 2024 (civiel recht)

    Kort geding. Voorzieningenrechter niet bevoegd vanwege overeengekomen arbitrage.

47 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.