Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering

Rv

Huidige tekst

Artikel 130 Rv

Wijziging of vermeerdering van eis redactionele omschrijving

Geldt sinds 1 mei 2023

  1. 1

    Zolang de rechter nog geen eindvonnis heeft gewezen, is de eiser bevoegd zijn eis of de gronden daarvan schriftelijk, bij conclusie of akte ter rolle, te veranderen of te vermeerderen. De gedaagde is bevoegd hiertegen bezwaar te maken, op grond dat de verandering of vermeerdering in strijd is met de eisen van een goede procesorde. De rechter beslist, partijen gehoord, zo spoedig mogelijk. De rechter kan op dezelfde grond ook ambtshalve een verandering of vermeerdering van eis buiten beschouwing laten.

  2. 2

    Tegen de beslissingen van de rechter, bedoeld in het eerste lid, staat geen hogere voorziening open.

  3. 3

    Indien een partij niet in het geding is verschenen, is een verandering of vermeerdering van eis tegen die partij uitgesloten, tenzij de eiser de verandering of vermeerdering tijdig bij exploot aan haar kenbaar heeft gemaakt. In laatstgenoemd geval is artikel 120, derde lid, van overeenkomstige toepassing.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2026:676Parket bij de Hoge Raad, 3 juli 2026 (burgerlijk procesrecht)

    Procesrecht. Ontvankelijkheid tussentijds cassatieberoep na verkregen verlof daartoe. Is weigeren akte niet-dienen hier een rolbeslissing of een beslissing die dusdanig ingrijpt in de belangen van…

  • ECLI:NL:PHR:2026:649Parket bij de Hoge Raad, 26 juni 2026 (burgerlijk procesrecht)

    Caribische zaak. Procesrecht. Matiging contractuele boete; aan stelplicht te stellen eisen; bewijsaanbod. Vervolg op HR 2 juni 2023, ECLI:NL:HR:2023:846.

  • ECLI:NL:PHR:2026:651Parket bij de Hoge Raad, 26 juni 2026 (personen- en familierecht)

    Echtscheidingsvermogensrecht; periodiek verrekenbeding; finale verrekening; verzoek tot boedelbeschrijving; vergoedingsvordering eenvoudige gemeenschap

  • ECLI:NL:PHR:2026:558Parket bij de Hoge Raad, 5 juni 2026 (civiel recht)

    Schadestaatprocedure. Schending non-concurrentiebeding in zeesleepvaart. Schadebegroting. Ten onrechte leerstuk van de kansschade niet toegepast? Voorshandse oordelen en gelegenheid voor leveren…

  • ECLI:NL:RBMNE:2026:7214Rechtbank Midden-Nederland, 16 oktober 2026 (civiel recht)

    Kort geding. Vordering tot afgifte sleutels camper. Geen spoedeisend belang. Niet aannemelijk dat gedaagde nog over sleutels beschikt.

  • ECLI:NL:RBLIM:2026:10999Rechtbank Limburg, 14 oktober 2026 (verbintenissenrecht)

    Eindvonnis. Eisers geslaagd in bewijs dat gedaagde constructieve scheurvorming in buitengevel woning heeft verzwegen en verhuld. Mededelingsplicht geschonden. Vernietiging koopovereenkomst woning…

  • ECLI:NL:RBDHA:2026:30456Rechtbank Den Haag, 14 oktober 2026 (burgerlijk procesrecht)

    Geschil over opzegging van een vennootschapsovereenkomst. Incident tot voorlopige voorziening.

  • ECLI:NL:RBZWB:2026:9961Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 30 september 2026 (verbintenissenrecht)

    Huur- woonruimte. Ondanks betalingsachterstand wordt vordering tot ontbinding en ontruiming afgewezen. Belang minderjarige. Reconventionele vorderingen van huurders worden eveneens afgewezen.

2.484 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.