Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering

Rv

Huidige tekst

Artikel 624 Rv

Geldt sinds 1 januari 2017

  1. 1

    Bevoegd tot kennisneming van verzoeken tot machtiging tot doorhaling als bedoeld in de artikelen 195 of 786 van Boek 8 van het Burgerlijk Wetboek is de rechtbank Rotterdam.

  2. 2

    Bevoegd tot kennisneming van verzoeken tot goedkeuring als bedoeld in artikel 1303, vierde lid, van Boek 8 van het Burgerlijk Wetboek en tot machtiging tot doorhaling als bedoeld in artikel 1304 van Boek 8 van het Burgerlijk Wetboek is de rechtbank van de woonplaats, bedoeld in artikel 1303, zesde lid, van Boek 8 van het Burgerlijk Wetboek.

  3. 3

    Machtiging wordt slechts verleend na verhoor of behoorlijke oproeping van degenen van wier recht of beslag uit een inschrijving blijkt of te wier gunste voorlopige aantekeningen bestaan. Deze machtiging wordt door de griffier der rechtbank op het verzoekschrift aangetekend.

  4. 4

    Bij de verzoeken, bedoeld in het eerste lid, is de tussenkomst van een advocaat niet vereist.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:GHARL:2024:1220Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 20 februari 2024 (civiel recht)

    Net als de rechtbank oordeelt het hof dat de civiele rechter niet bevoegd is te oordelen over het geschil tussen partijen omdat partijen gebonden zijn aan een arbitragebeding.

  • ECLI:NL:RBNNE:2021:5195Rechtbank Noord-Nederland, 8 december 2021 (civiel recht)

    Bevoegdheidsincident. Arbitragebeding. Rechtbank of arbiters bevoegd om kennis te nemen van de ingestelde vorderingen?

  • ECLI:NL:RBLEE:2010:BL4460Rechtbank Leeuwarden, 16 februari 2010 (civiel recht)

    Artikel 1033 Rv. Verzoek tot wraking van arbiters.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.