Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering

Rv

Huidige tekst

Artikel 139 Rv

Verstek tegen niet verschenen gedaagde redactionele omschrijving

Geldt sinds 1 mei 2023

Indien de gedaagde niet op de eerste of op een door de rechter nader bepaalde roldatum in het geding verschijnt dan wel verzuimt advocaat te stellen of, indien verschuldigd, het griffierecht niet tijdig voldoet hoewel hem dat bij dagvaarding was aangezegd, en de voorgeschreven termijnen en formaliteiten in acht zijn genomen, verleent de rechter verstek tegen hem en wijst hij de vordering toe, tenzij deze hem onrechtmatig of ongegrond voorkomt.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2025:750Parket bij de Hoge Raad, 4 juli 2025 (civiel recht)

    Consumentenrecht. Aansprakelijkheidsrecht. Canonherzieningsbeding in algemene erfpachtvoorwaarden gemeente Amsterdam (AB37 en AB2000). Toets aan Richtlijn oneerlijke bedingen resp. art. 6:233 onder a…

  • ECLI:NL:PHR:2025:658Parket bij de Hoge Raad, 6 juni 2025 (verbintenissenrecht)

    Verbintenissenrecht. Onrechtmatige daad (art. 6:162 BW). Is sprake van 'bestuurders'aansprakelijkheid? Samenhang met 24/03074.

  • ECLI:NL:PHR:2024:1256Parket bij de Hoge Raad, 22 november 2024 (belastingrecht)

    Art. 6:12, 8:54, 8:55, 8:31, 8:69 Awb. Beroep niet-tijdig beslissen. Betekenis van HR BNB 2021/140 (herijking ambtshalve beoordeling tijdigheid rechtsmiddel) voor de vraag of de rechter in verzet…

  • ECLI:NL:PHR:2024:731Parket bij de Hoge Raad, 5 juli 2024 (burgerlijk procesrecht)

    Appelprocesrecht; kort geding, taak appelrechter, spoedeisend belang. Ambtshalve plicht tot splitsing/retrospectie? Onbegrijpelijke motivering hof van algemene vernietiging verzetvonnis.

  • ECLI:NL:GHDHA:2026:3006Gerechtshof Den Haag, 13 oktober 2026 (ondernemingsrecht)

    Gefailleerde onderneming. Bestuursaansprakelijkheid op grond van art. 2:248 lid 1 BW. Ruzie tussen bestuurders. Geen disculpatie op grond van art. 2:248 lid 3 BW. Ontvankelijkheid in hoger beroep…

  • ECLI:NL:RBMNE:2026:7153Rechtbank Midden-Nederland, 6 oktober 2026 (civiel recht)

    vordering tot ontruiming bedrijfsruimte + betaling huurachterstand in kort geding toegewezen

  • ECLI:NL:RBAMS:2026:9755Rechtbank Amsterdam, 30 september 2026 (verbintenissenrecht)

    Tussenvonnis – vordering tot verdeling ex artikel 3:180 BW – verhaal op aandeel in onverdeelde eigendom van woning – opeisbare vordering – rechtbank begrijpt stellingen gedaagde als een beroep op…

  • ECLI:NL:RBOVE:2026:6092Rechtbank Overijssel, 29 september 2026 (civiel recht)

    Verstek, betaling advocatendeclaratie, oneerlijk bik-beding, uitlaten over informatieplichten en kostenbeding.

824 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.