Burgerlijk Wetboek Boek 7

BW

Huidige tekst

Artikel 7:658a BW

Geldt sinds 1 januari 2016

  1. 1

    De werkgever bevordert ten aanzien van de werknemer die in verband met ongeschiktheid ten gevolge van ziekte verhinderd is de bedongen arbeid te verrichten, de inschakeling in de arbeid in zijn bedrijf. Indien vaststaat dat de eigen arbeid niet meer kan worden verricht en in het bedrijf van de werkgever geen andere passende arbeid voorhanden is, bevordert de werkgever, gedurende het tijdvak waarin de werknemer jegens hem recht op loon heeft op grond van artikel 629, artikel 71a, negende lid, van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering of artikel 25, negende lid, van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen, de inschakeling van de werknemer in voor hem passende arbeid in het bedrijf van een andere werkgever, tenzij de werknemer de in artikel 7, onderdeel a, van de Algemene Ouderdomswet bedoelde leeftijd heeft bereikt.

  2. 2

    Uit hoofde van de uitoefening van zijn taak, bedoeld in lid 1, is de werkgever verplicht zo tijdig mogelijk zodanige maatregelen te treffen en aanwijzingen te verstrekken als redelijkerwijs nodig is, opdat de werknemer, die in verband met ongeschiktheid ten gevolge van ziekte verhinderd is de bedongen arbeid te verrichten, in staat wordt gesteld de eigen of andere passende arbeid te verrichten.

  3. 3

    Uit hoofde van de uitoefening van zijn taak, bedoeld in lid 1, stelt de werkgever in overeenstemming met de werknemer een plan van aanpak op als bedoeld in artikel 71a, tweede lid, van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering en artikel 25, tweede lid, van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen, tenzij de werknemer de in artikel 7, onderdeel a, van de Algemene Ouderdomswet bedoelde leeftijd heeft bereikt. Het plan van aanpak wordt met medewerking van de werknemer regelmatig geëvalueerd en zo nodig bijgesteld.

  4. 4

    Onder passende arbeid als bedoeld in lid 1 en 2 wordt verstaan alle arbeid die voor de krachten en bekwaamheden van de werknemer is berekend, tenzij aanvaarding om redenen van lichamelijke, geestelijke of sociale aard niet van hem kan worden gevergd.

  5. 5

    De werkgever en degene door wie de werkgever zich op grond van de artikelen 13, 14 en 14a van de Arbeidsomstandighedenwet laat bijstaan, verstrekken een re-integratiebedrijf als bedoeld in artikel 1 van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen gegevens voor zover deze noodzakelijk zijn voor de uitvoering van de door de werkgever aan dit bedrijf opgedragen werkzaamheden, alsmede het burgerservicenummer van de persoon wiens inschakeling in de arbeid door dat re-integratiebedrijf wordt bevorderd. Het re-integratiebedrijf verwerkt deze gegevens slechts voor zover dat noodzakelijk is voor deze werkzaamheden en gebruikt slechts met dat doel het burgerservicenummer bij die verwerking.

  6. 6

    Dit artikel is van overeenkomstige toepassing op de eigenrisicodrager, bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel h, van de Ziektewet en de personen, bedoeld in artikel 29, tweede lid, onderdelen a, b en c, van die wet, die laatstelijk met hem een arbeidsovereenkomst zijn aangegaan, gedurende de periode dat de eigenrisicodrager aan die personen ziekengeld moet betalen.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2026:460Parket bij de Hoge Raad, 8 mei 2026 (arbeidsrecht)

    Arbeidsrecht. Cao Gemeenten. Arbeidsongeschiktheid in en door de dienst vanwege bijzondere omstandigheden waaronder een werknemer opgedragen werkzaamheden moest verrichten. Is ernstig verwijtbaar…

  • ECLI:NL:PHR:2026:279Parket bij de Hoge Raad, 20 maart 2026 (arbeidsrecht)

    Arbeidsrecht. Ontbinding arbeidsovereenkomst (e-grond); weigering werknemer rapport extern deskundige te delen met werkgever; motiveringsklachten (samenhang met 25/02223).

  • ECLI:NL:PHR:2026:281Parket bij de Hoge Raad, 20 maart 2026 (arbeidsrecht)

    Arbeidsrecht. Loonvordering. Gedeeltelijke arbeidsongeschiktheid. Re-integratieverplichtingen. Komt niet verrichten van arbeid in relevante periode voor rekening werknemer (art. 7:628 BW)?…

  • ECLI:NL:PHR:2023:914Parket bij de Hoge Raad, 20 oktober 2023 (arbeidsrecht)

    Arbeidsrecht. Afwijzing door werkgever van Xella-voorstel. Heef het hof het juiste peilmoment gehanteerd bij het beoordelen van het beroep van werkgever op het bestaan van reële…

  • ECLI:NL:RBLIM:2026:10638Rechtbank Limburg, 15 oktober 2026 (arbeidsrecht)

    Opzegverbod staat aan ontbinding van de arbeidsovereenkomst in de weg. Beroep op de uitzonderingen uit artikel 7:671b lid 6 BW slaagt niet.

  • ECLI:NL:RBDHA:2026:29528Rechtbank Den Haag, 7 oktober 2026 (arbeidsrecht)

    Jaarcontract van zieke werknemer is niet voortgezet. Werknemer heeft geen belang bij de verzochte verklaringen voor recht en rectificaties in haar re-integratiedossier. Ook op inhoudelijke gronden…

  • ECLI:NL:RBZWB:2026:8688Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 12 augustus 2026 (arbeidsrecht)

    Arbeidsrecht. Verzoek tot ontbinding op e-grond en subsidiair op g-grond. Werknemer heeft niet voldaan aan zijn re-integratieverplichtingen maar in dit geval is er naar het oordeel van de…

  • ECLI:NL:RBDHA:2026:21258Rechtbank Den Haag, 29 juli 2026 (arbeidsrecht)

    Afwijzing verzoek om ontslag op staande voet niet rechtsgeldig te verklaren. Werknemer voldoet niet aan re-integratieverplichting.

559 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.