Burgerlijk Wetboek Boek 7

BW

Huidige tekst

Artikel 7:281 BW

Geldt sinds 1 januari 2024

  1. 1

    Indien een verhuurder op wie de rechten en verplichtingen uit de huurovereenkomst op de voet van artikel 226 zijn overgegaan, een krachtens een geldend omgevingsplan aan het verhuurde toegedeelde functie wil verwezenlijken, ontbindt de rechter op vordering van de verhuurder de huurovereenkomst met ingang van een door hem te bepalen dag.

  2. 2

    De huurder en de onderhuurder aan wie bevoegdelijk is onderverhuurd of met wie de huurovereenkomst anders op de voet van artikel 269 zou zijn voortgezet, hebben recht op schadeloosstelling. Wanneer de huurtijd of onderhuurtijd zonder de ontbinding nog een jaar of langer zou hebben geduurd, is de schadeloosstelling ten minste gelijk aan de huurprijs van twee jaren. Wanneer de huurtijd of onderhuurtijd zonder de ontbinding minder dan een jaar zou hebben geduurd, is de schadeloosstelling ten minste gelijk aan de huurprijs van een jaar. Bij de berekening van de schade wordt niet gelet op veranderingen die kennelijk zijn tot stand gebracht om de schadeloosstelling te verhogen.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2013:BY2586Parket bij de Hoge Raad, 18 januari 2013 (civiel recht)

    Art. 81 lid 1 RO. Reïntegratie arbeidsongeschikte werknemer, inspanningsverplichting werkgever, art. 7:658a lid 2 BW. Omvang schadevergoeding wegens kennelijk onredelijk ontslag, art. 7:681 lid 1 en…

  • ECLI:NL:PHR:2009:BG4017Parket bij de Hoge Raad, 30 januari 2009 (civiel recht)

    Huurrecht. Huurbeëindiging bedrijfsruimte wegens afbraak van gehuurde; geding na verwijzing, vervolg op HR 14 december 2007, nr. C06/198, NJ 2008, 11; schadeloosstelling als bedoeld in art. 7:309 lid…

  • ECLI:NL:RBOBR:2026:2009Rechtbank Oost-Brabant, 2 april 2026 (civiel recht)

    De gemeente kon in de gegeven omstandigheden rechtsgeldig tot huurbeëindiging van de ligplaats van de woonbootbewoner komen. De gevorderde verklaring voor recht dat de huurovereenkomst tussen de…

  • ECLI:NL:RBOBR:2026:2011Rechtbank Oost-Brabant, 2 april 2026 (civiel recht)

    De gemeente kon in de gegeven omstandigheden rechtsgeldig tot huurbeëindiging van de ligplaats van de woonbootbewoner komen. De gevorderde verklaring voor recht dat de huurovereenkomst tussen de…

  • ECLI:NL:RBOBR:2026:2012Rechtbank Oost-Brabant, 2 april 2026 (civiel recht)

    De gemeente kon in de gegeven omstandigheden rechtsgeldig tot huurbeëindiging van de ligplaats van de woonbootbewoners komen. De gevorderde verklaring voor recht dat de huurovereenkomsten tussen de…

  • ECLI:NL:RBGEL:2026:1788Rechtbank Gelderland, 20 februari 2026 (verbintenissenrecht)

    Huurrecht. Vordering op grond van 7:281 BW (verwezenlijking bestemmingsplan) afgewezen.

  • ECLI:NL:RBNHO:2025:507Rechtbank Noord-Holland, 22 januari 2025 (verbintenissenrecht)

    Uitspraak van de kantonrechter over de opzegging van de huurovereenkomsten Camping de Westeinder in de zaak van een aantal huurders tegen de nieuwe eigenaar.

  • ECLI:NL:RBNHO:2025:508Rechtbank Noord-Holland, 22 januari 2025 (verbintenissenrecht)

    Uitspraak van de kantonrechter over de opzegging van de huurovereenkomsten Camping de Westeinder in de zaak van de nieuwe eigenaar tegen een aantal huurders.

11 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.