Burgerlijk Wetboek Boek 7

BW

Huidige tekst

Artikel 7:343 BW

Geldt sinds 1 september 2007

  1. 1

    Indien een gebrek dat de verpachter ingevolge artikel 339 niet verplicht is te verhelpen, het genot dat de pachter mocht verwachten geheel onmogelijk maakt, is zowel de pachter als de verpachter bevoegd de overeenkomst op de voet van artikel 267 van Boek 6 te ontbinden.

  2. 2

    Een verplichting van een der partijen tot schadevergoeding ter zake van een gebrek omvat mede de door het eindigen van de overeenkomst ingevolge lid 1 veroorzaakte schade.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:GHARL:2023:601Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 24 januari 2023 (civiel recht)

    7:317 BW Junior werkte voorheen in het bloembollenbedrijf van zijn vader en heeft zelf een bedrijf in de pioenteelt. Senior heeft junior grond voor de pioenteelt ter beschikking gesteld waarvoor…

  • ECLI:NL:RBOBR:2017:7013Rechtbank Oost-Brabant, 31 augustus 2017 (verbintenissenrecht)

    Pachtzaak - ernstige gebreken gepachte - gedeeltelijke ontbinding pachtovereenkomst (einduitspraak: ECLI:NL:RBOBR:2018:6746)

  • ECLI:NL:GHARL:2016:5881Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 19 juli 2016 (civiel recht)

    (Gedeeltelijke) ontbinding of beëindiging. Artt. 6:265 BW, 7:370 BW, 7:374 BW, 7:343 BW Pachter van een eeuwenoude hoeve heeft zijn bedrijf verplaatst en wenst de door hem gepachte gronden nog te…

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.