Burgerlijk Wetboek Boek 7

BW

Huidige tekst

Artikel 7:356 BW

Geldt sinds 1 september 2007

Indien de pachter gebreken aan het gepachte ontdekt of derden hem in zijn genot storen of enig recht op het gepachte beweren, moet hij daarvan onverwijld aan de verpachter kennis geven, bij gebreke waarvan hij verplicht is aan de verpachter de door de nalatigheid ontstane schade te vergoeden.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:RBZWB:2023:4950Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 26 mei 2023 (verbintenissenrecht)

    Pacht. Pachter vordert in conventie herstel van gebreken aan het gepachte op grond van art. 7:339 lid 1 BW. Verpachter vordert in reconventie ontbinding van de pachtovereenkomst op grond van…

  • ECLI:NL:GHARL:2019:4172Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 14 mei 2019 (civiel recht)

    Gepacht land besmet door knolcyperus. Gebrek bij aanvang pacht?

  • ECLI:NL:GHARL:2019:3791Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 30 april 2019 (civiel recht)

    Aansprakelijkheid verpachter voor gebrek aan het verpachte. Klachtplicht. Exoneratieclausule.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.