Burgerlijk Wetboek Boek 7

BW

Huidige tekst

Artikel 7:252 BW

Geldt sinds 1 april 2010

  1. 1

    Een voorstel tot wijziging van de huurprijs moet tenminste twee maanden voor de voorgestelde dag van ingang van de wijziging schriftelijk worden gedaan.

  2. 2

    Het in lid 1 bedoelde voorstel dient te vermelden: a.de geldende huurprijs; b.het percentage of het bedrag van de wijziging van de huurprijs; c.de voorgestelde huurprijs; d.de voorgestelde dag van ingang van de voorgestelde huurprijs; e.de wijze waarop en het tijdvak waarbinnen de huurder, wanneer hij bezwaren heeft tegen het voorstel, daarvan kan doen blijken, en de gevolgen die deze onderafdeling verbindt aan het niet doen blijken van bezwaren.

  3. 3

    Voor het doen van een voorstel tot verlaging van de huurprijs dient een waardering van de kwaliteit van de woonruimte als bedoeld in artikel 10 lid 1 van de Uitvoeringswet huurprijzen woonruimte te worden verstrekt.

  4. 4

    Indien een overeenkomst tot wijziging van de huurprijs tot stand komt naar aanleiding van een voorstel daartoe, dat niet voldoet aan lid 1 en lid 2 aanhef en onder b, d of e dan wel aan het in lid 3 bepaalde, blijft de voordien geldende huurprijs verschuldigd, tenzij blijkt dat degene tot wie het voorstel was gericht niet door het verzuim is benadeeld.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2025:70Parket bij de Hoge Raad, 17 januari 2025 (burgerlijk procesrecht)

    Arubaanse zaak. Huurrecht; procesrecht. Uitleg ‘ruimtelijke verbondenheid’ in de zin van art. 7:274 lid 2 BWA. Doorbreking rechtsmiddelenverbod art. 7:252 in samenhang met art. 7:246 lid 3 BWA.

  • ECLI:NL:PHR:2024:770Parket bij de Hoge Raad, 19 juli 2024 (civiel recht)

    Huurrecht woonruimte. Consumentenrecht. Huurprijswijzigingsbeding (CPI plus maximaal 3%). Splitsbaar in indexatiebeding en opslagbeding? Opslagbeding oneerlijk? Gevolgen oneerlijkheid beding.

  • ECLI:NL:PHR:2024:771Parket bij de Hoge Raad, 19 juli 2024 (civiel recht)

    Huurrecht woonruimte. Consumentenrecht. Huurprijswijzigingsbeding (CPI plus maximaal 3%). Splitsbaar in indexatiebeding en opslagbeding? Opslagbeding oneerlijk? Gevolgen oneerlijkheid beding.

  • ECLI:NL:HR:2024:53Hoge Raad, 19 januari 2024 (civiel recht)

    Prejudiciële vragen. Huurrecht. Kan huurder of verhuurder zich na uitspraak van voorzitter huurcommissie op grond van artikel 7:262 BW rechtstreeks tot kantonrechter wenden zonder eerst in verzet te…

  • ECLI:NL:GHAMS:2026:2641Gerechtshof Amsterdam, 8 september 2026 (civiel recht)

    Huur woonruimte. Ambtshalve toetsing oneerlijke bedingen. Na tussenarrest is gebleken dat het gehuurde toch niet-geliberaliseerde woonruimte is. Het beding dat de huurprijs jaarlijks op de wettelijke…

  • ECLI:NL:RBLIM:2026:9165Rechtbank Limburg, 2 september 2026 (civiel recht)

    Verhuurder vordert huurachterstand, omdat huurder de huurverhoging niet betaalt. Verhuurder heeft niet voldaan aan het bepaalde in artikel 7:253 lid 1 BW. Vordering tot betaling van de…

  • ECLI:NL:RBZWB:2026:8948Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 2 september 2026 (verbintenissenrecht)

    Huurzaak; eindvonnis na tussenvonnis; huurachterstand; uitspraak Huurcommissie; verhuurder grotendeels in het ongelijk gesteld.

  • ECLI:NL:RBDHA:2026:24314Rechtbank Den Haag, 21 augustus 2026 (verbintenissenrecht)

    Gedaagde moet de huurverhoging betalen nu deze rechtsgeldig schriftelijk is aangezegd. Dat de brief aangetekend moet worden verstuurd is geen vereiste. Het gaat in dit geval namelijk niet om de…

120 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.