Burgerlijk Wetboek Boek 7

BW

Huidige tekst

Artikel 7:7 BW

Koop op proef redactionele omschrijving

Geldt sinds 1 juli 2025

  1. 1

    Degene aan wie een zaak is toegezonden en die redelijkerwijze mag aannemen dat deze toezending is geschied ten einde hem tot een koop te bewegen, is ongeacht enige andersluidende mededeling van de verzender jegens deze bevoegd de zaak om niet te behouden, tenzij het hem is toe te rekenen dat de toezending is geschied.

  2. 2

    Geen verplichting tot betaling ontstaat voor een natuurlijke persoon, die handelt voor doeleinden buiten zijn bedrijfs- of beroepsactiviteit, bij de ongevraagde levering van zaken, financiële producten, water, gas, elektriciteit, stadsverwarming of digitale inhoud, dan wel de ongevraagde verrichting van diensten, als bedoeld in artikel 193i onderdeel f van Boek 6. Het uitblijven van een reactie van een natuurlijk persoon, die handelt voor doeleinden buiten zijn bedrijfs- of beroepsactiviteit, op de ongevraagde levering of verstrekking wordt niet als aanvaarding aangemerkt. Wordt desalniettemin een zaak toegezonden als bedoeld in de eerste zin, dan is het in lid 1 bepaalde omtrent de bevoegdheid, de zaak om niet te behouden, van overeenkomstige toepassing. Dit lid is van toepassing ongeacht of de verzender wordt vertegenwoordigd.

  3. 3

    Indien de ontvanger in de gevallen, bedoeld in de leden 1–2, de zaak terugzendt, komen de kosten hiervan voor rekening van de verzender.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2026:998Parket bij de Hoge Raad, 23 oktober 2026 (verbintenissenrecht)

    Prejudiciële vragen. Faillissement van energieleverancier eind 2021. Voortzetting energieleveranties aan kleinverbruikers o.g.v. het Besluit leveringszekerheid Elektriciteitswet 1998 en het Besluit…

  • ECLI:NL:HR:2021:1889Hoge Raad, 17 december 2021 (civiel recht)

    Contractenrecht. Uitspraak na prejudiciële beslissing HvJEU 3 februari 2021, ECLI:EU:C:2021:91. Vervolg op HR 13 december 2019, ECLI:NL:HR:2019:1972. Is tussen consument en drinkwaterbedrijf een…

  • ECLI:NL:PHR:2021:732Parket bij de Hoge Raad, 6 augustus 2021 (civiel recht)

    Verbintenissenrecht. Europees consumentenrecht. Distributie drinkwater; totstandkoming overeenkomst; ongevraagde levering. Vervolg van HR 13 december 2019 (ECLI:NL:HR:2019:1972) en van HvJEU 3…

  • ECLI:NL:HR:2019:1972Hoge Raad, 13 december 2019 (civiel recht)

    Contractenrecht; consumentenrecht. Vervolg van HR 8 november 2019, ECLI:NL:HR:2019:1730. Is tussen consument en drinkwaterbedrijf een overeenkomst tot stand gekomen of is sprake van ongevraagde…

  • ECLI:NL:RBAMS:2026:8456Rechtbank Amsterdam, 6 augustus 2026 (verbintenissenrecht)

    Verzetprocedure. Betreft betaling voor waterverbruik, voor adres waar grootvader een overeenkomst voor levering water had. Na overlijden wordt kleinzoon aangesproken op betaling. Eisende partij heeft…

  • ECLI:NL:RBLIM:2026:4609Rechtbank Limburg, 13 mei 2026 (verbintenissenrecht)

    Ongerechtvaardigde verrijking. Gedaagde moet betalen voor door netbeheerder geleverd elektriciteit en gas in een periode waarin gedaagde geen contract had met een energieleverancier. Geen ongevraagde…

  • ECLI:NL:RBMNE:2026:2149Rechtbank Midden-Nederland, 22 april 2026 (civiel recht)

    Afwijzing vordering energieleverancier. Schending schriftelijkheidsvereiste, overeenkomst nietig. Ongevraagde levering. Schending waarheidsplicht.

  • ECLI:NL:RBAMS:2026:2965Rechtbank Amsterdam, 19 maart 2026 (europees civiel recht)

    Waternet heeft geen verklaring kunnen geven waarom de hoogte van twee facturen afwijken van de bedragen die gevorderd worden. Ten aanzien van deze facturen roept dat vragen op over de juistheid van…

52 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.