Burgerlijk Wetboek Boek 7

BW

Huidige tekst

Artikel 7:270 BW

Woningruil met machtiging van de rechter redactionele omschrijving

Geldt sinds 1 januari 2015

  1. 1

    De huurder die een ruil van woonruimte wenst te bewerkstelligen, kan vorderen dat de rechter hem zal machtigen om een ander in zijn plaats als huurder te stellen. Indien op de woonruimte hoofdstuk 2 van de Huisvestingswet 2014 van toepassing is, moet de eiser een ten behoeve van de voorgestelde huurder afgegeven huisvestingsvergunning als bedoeld in artikel 8 van die wet met betrekking tot woonruimte overleggen.

  2. 2

    De rechter beslist met inachtneming van de omstandigheden van het geval, met dien verstande dat hij de vordering slechts kan toewijzen, indien de huurder een zwaarwichtig belang bij de ruil van woonruimte heeft en dat hij deze afwijst, indien de voorgestelde huurder vanuit financieel oogpunt niet voldoende waarborg biedt voor een behoorlijke nakoming van de huur. De rechter kan aan de machtiging voorwaarden verbinden of daarbij een last opleggen.

  3. 3

    Van deze bepaling kan niet ten nadele van de huurder worden afgeweken.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2006:AU7465Parket bij de Hoge Raad, 27 januari 2006 (civiel recht)

    Geschil tussen een oliemaatschappij en een exploitant van een tankstation over indeplaatsstelling op de voet van art. 7A:1635 (oud) BW, belangenafweging; cassatie, beroep derde die geen partij is bij…

  • ECLI:NL:PHR:2004:AP4500Parket bij de Hoge Raad, 19 november 2004 (civiel recht)

    19 november 2004 Eerste Kamer Nr. C03/278HR JMH/AT Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: 1. [Eiser 1] en 2. [Eiseres 2], beiden wonende te [woonplaats], EISERS tot cassatie, advocaat: mr.…

  • ECLI:NL:RBOVE:2026:6074Rechtbank Overijssel, 29 september 2026 (civiel recht)

    Vordering tot woningruil/indeplaatsstelling o.g.v. artikel 7:270 lid 1 BW

  • ECLI:NL:GHDHA:2026:564Gerechtshof Den Haag, 21 april 2026 (civiel recht)

    Huurders hebben woningen geruild na vonnis kantonrechter, waarbij zij zijn gemachtigd de ander in hun plaats te stellen als huurder. De verhuurders vorderen ongedaanmaking van de woningruil. Het hof…

  • ECLI:NL:GHDHA:2026:1875Gerechtshof Den Haag, 13 januari 2026 (civiel recht)

    Vordering indeplaatsstelling ten behoeve van woningruil op de voet van art. 7:270 BW.

  • ECLI:NL:RBZWB:2025:5940Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 28 augustus 2025 (verbintenissenrecht)

    Mondeling vonnis artikel 29a Rv. Woningruil op grond van artikel 7:270 BW. Meerpartijenruil dan wel driehoeksruil staat niet in de weg aan woningruil. Huurder heeft een zwaarwichtig belang. Het…

  • ECLI:NL:RBMNE:2025:192Rechtbank Midden-Nederland, 29 januari 2025 (verbintenissenrecht)

    Huur woonruimte. Hennepplantage aangetroffen op de eerste verdieping van de woning. De woningbouwcorporatie vordert ontbinding van de huurovereenkomst. De plantage is aangelegd en geëxploiteerd door…

  • ECLI:NL:RBNHO:2024:10502Rechtbank Noord-Holland, 17 oktober 2024 (verbintenissenrecht)

    indeplaatstelling/woningruil

37 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.