Burgerlijk Wetboek Boek 7

BW

Huidige tekst

Artikel 7:75 BW

Geldt sinds 1 januari 2017

  1. 1

    Onverminderd de bepalingen van de vorige afdeling gelden voor de daar bedoelde kredietovereenkomsten voorts de volgende bepalingen met dien verstande dat de artikelen 77 lid 1 onder a, behoudens voor zover het betreft bedingen tot eenzijdige verhoging van de kredietvergoeding, en onder c, 79, 80 en 81 niet gelden voor kredietovereenkomsten waarvan de kredietsom meer dan € 40.000 bedraagt.

  2. 2

    Onverminderd de bepalingen van de vorige afdeling gelden van de onderhavige afdeling voor kredietovereenkomsten waarbij de betalingen van de consument plaatsvinden binnen drie maanden nadat de geldsom ter beschikking is gesteld, onderscheidenlijk nadat met het verschaffen van het genot van de zaak of het verlenen van de dienst een aanvang is gemaakt, uitsluitend de artikelen 76 en 77 lid 1 aanhef en onder a.

  3. 3

    In afwijking van het eerste lid, geldt deze afdeling niet voor de overeenkomst betreffende effectenkrediet.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2022:1130Parket bij de Hoge Raad, 30 november 2022 (civiel recht)

    Prejudiciële vragen. Betaling door middel van Afterpay. Toepasselijkheid van afd. 7.2A.1 BW over consumentenkrediet. Is uitstel van betaling een kredietovereenkomst? Kosten in de zin van art. 7:57…

  • ECLI:NL:PHR:2017:73Parket bij de Hoge Raad, 3 februari 2017 (civiel recht)

    Prejudiciële vraag (art. 392 Rv). Effectenlease (Dexia). Onredelijk beding in de zin van Richtlijn 93/13? Aan te leggen maatstaf; vergelijking contractuele en wettelijke regeling; HvJEU 14 maart…

  • ECLI:NL:RBNNE:2020:1240Rechtbank Noord-Nederland, 24 maart 2020 (civiel recht)

    Eindvonnis na ambtshalve toetsing. Rabobank heeft de vordering voldoende toegelicht, ondanks ontbreken Esic-formulier.

  • ECLI:NL:RBNNE:2020:931Rechtbank Noord-Nederland, 10 maart 2020 (civiel recht)

    Verstekvonnis na ambtshalve toetsing: bij akte voldoende toegelicht waarom vervroegd opeisingsbeding geldig is en dat is voldaan aan de zorgplicht van 4:34 Wft. Geen sprake van eenzijdige omzetting…

  • ECLI:NL:RBNNE:2020:932Rechtbank Noord-Nederland, 10 maart 2020 (civiel recht)

    Verstekvonnis na ambtshalve toetsing: bij akte voldoende toegelicht waarom vervroegd opeisingsbeding geldig is en dat is voldaan aan de zorgplicht van 4:34 Wft, ondanks ontbreken Esic-formulier. Geen…

  • ECLI:NL:RBAMS:2018:5107Rechtbank Amsterdam, 20 juli 2018 (civiel recht)

    consumentenrecht, kredietovereenkomst; flitskrediet.

  • ECLI:NL:RBAMS:2018:5387Rechtbank Amsterdam, 20 juli 2018 (civiel recht)

    consumentenrecht, kredietovereenkomst; flitskrediet.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.