Burgerlijk Wetboek Boek 7

BW

Huidige tekst

Artikel 7:648 BW

Geen onderscheid naar arbeidsduur redactionele omschrijving

Geldt sinds 1 juli 2015

  1. 1

    De werkgever mag geen onderscheid maken tussen werknemers op grond van een verschil in arbeidsduur in de voorwaarden waaronder een arbeidsovereenkomst wordt aangegaan, voortgezet dan wel opgezegd, tenzij een dergelijk onderscheid objectief gerechtvaardigd is.

  2. 2

    Een beding in strijd met lid 1 is nietig.

  3. 3

    Het College, genoemd in artikel 1 van de Wet College voor de rechten van de mens, kan onderzoeken of een onderscheid is of wordt gemaakt als bedoeld in lid 1. De artikelen 10, 11, 12, 13, 22 en 23 van de Wet College voor de rechten van de mens zijn van overeenkomstige toepassing.

  4. 4

    De werkgever mag de werknemer niet benadelen wegens de omstandigheid dat de werknemer in of buiten rechte een beroep heeft gedaan op het bepaalde in lid 1 of terzake bijstand heeft verleend.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2024:638Parket bij de Hoge Raad, 17 september 2024 (arbeidsrecht)

    Prejudiciële vragen (art. 392 Rv). Arbeidsrecht. Bepaling in cao Middelbaar Beroepsonderwijs over samenloop zwangerschaps- en bevallingsverlof met ‘werkbare dagen’ waarop niet hoeft te worden…

  • ECLI:NL:PHR:2017:17Parket bij de Hoge Raad, 13 januari 2017 (civiel recht)

    Art. 81 lid 1 RO. Arbeidsrecht. Gelijke beloning, maatstaf. Invoering nieuw beloningssysteem; vraag hoe de werknemers moeten worden ingeschaald. Uitleg vordering werknemers.

  • ECLI:NL:PHR:2005:AT8244Parket bij de Hoge Raad, 21 oktober 2005 (civiel recht)

    Arbeidsgeschil, aanspraak werknemer op suppletie door werkgever van AAW/WAO-uitkering, toetsing aan de eisen van goed werkgeverschap als bedoeld in art. 7:611 BW, beginsel van gelijke beloning voor…

  • ECLI:NL:HR:2004:AM2312Hoge Raad, 30 januari 2004 (civiel recht)

    30 januari 2004 Eerste Kamer Nr. C02/176HR JMH/AT Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: de vereniging PARALLEL ENTRY, gevestigd te Schiphol, gemeente Haarlemmermeer, EISERES tot cassatie…

  • ECLI:NL:RBGEL:2025:11057Rechtbank Gelderland, 17 december 2025 (arbeidsrecht)

    Tussenvonnis. Loonvordering na einde dienstverband op grond van onjuiste functie-inschaling en onbetaald gelaten uren voor- en na diensttijd. Klachtplicht slaagt gedeeltelijk.

  • ECLI:NL:GHDHA:2025:654Gerechtshof Den Haag, 15 april 2025 (arbeidsrecht)

    De werkgever heeft de arbeidsovereenkomst na twee jaar arbeidsongeschiktheid van de werknemer opgezegd na ontslagvergunning van het UWV. Volgens de werknemer hangt deze beëindiging samen met…

  • ECLI:NL:RBGEL:2025:5304Rechtbank Gelderland, 26 maart 2025 (civiel recht)

    Direct onderscheid beloning. De werkzaamheden die werknemer verricht en de omstandigheden waaronder, levert een vergelijkbare situatie op met die van de collega van werknemer. Werknemer wordt…

  • ECLI:NL:RBMNE:2025:674Rechtbank Midden-Nederland, 19 februari 2025 (arbeidsrecht)

    Uitleg cao Uitvaartbranche. Uit een redelijke uitleg van de cao volgt dat oproepkrachten zonder voorovereenkomst recht hebben op een vergoeding voor extra vakantiedagen en feestdagenverlof.

84 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.