Burgerlijk Wetboek Boek 7

BW

Huidige tekst

Artikel 7:942 BW

Verjaring van de vordering tot uitkering redactionele omschrijving

Geldt sinds 1 juli 2010

  1. 1

    Een rechtsvordering tegen de verzekeraar tot het doen van een uitkering verjaart door verloop van drie jaren na de aanvang van de dag, volgende op die waarop de tot uitkering gerechtigde met de opeisbaarheid daarvan bekend is geworden.

  2. 2

    De verjaring wordt gestuit door een schriftelijke mededeling, waarbij op uitkering aanspraak wordt gemaakt. Een nieuwe verjaringstermijn van drie jaren begint te lopen met de aanvang van de dag, volgende op die waarop de verzekeraar hetzij de aanspraak erkent, hetzij ondubbelzinnig heeft medegedeeld de aanspraak af te wijzen.

  3. 3

    Bij verzekering tegen aansprakelijkheid wordt de verjaring in afwijking van lid 2, eerste zin, gestuit door iedere onderhandeling tussen de verzekeraar en de tot uitkering gerechtigde of de benadeelde. In dat geval begint een nieuwe verjaringstermijn van drie jaren te lopen met de aanvang van de dag, volgende op die waarop de verzekeraar hetzij de aanspraak erkent, hetzij ondubbelzinnig aan degene met wie hij onderhandelt en, indien deze een ander is, aan de tot uitkering gerechtigde heeft medegedeeld dat hij de onderhandelingen afbreekt.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:HR:2025:1686Hoge Raad, 14 november 2025 (civiel recht)

    Verzekeringsrecht. Aansprakelijkheidsverzekering. Is moment van aansprakelijkstelling van verzekerde bepalend voor aanvang verjaringstermijn van art. 7:942 lid 1 BW?

  • ECLI:NL:PHR:2025:951Parket bij de Hoge Raad, 5 september 2025 (verbintenissenrecht)

    Overeenkomstenrecht. Verzekeringsrecht. Aanvangsmoment verjaring bij beroep op aansprakelijkheidsverzekering. art. 7:941 lid 1 BW. Heeft stuitingsmededeling te gelden als aansprakelijkstelling?

  • ECLI:NL:PHR:2021:864Parket bij de Hoge Raad, 24 september 2021 (civiel recht)

    Verzekeringsrecht. Vertegenwoordiging. Schadevergoeding. Directe actie ex art. 7:954 BW mogelijk na verjaring vordering o.g.v. art. 6 WAM? Schijn van volmachtverlening. Wettelijke rente en de…

  • ECLI:NL:HR:2019:1529Hoge Raad, 4 oktober 2019 (burgerlijk procesrecht)

    Procesrecht. Volgorde afdoening hoofdzaak en vrijwaringszaak (art. 215 Rv). Verzekeringsrecht; verjaring; is door afwijzing claim nieuwe verjaringstermijn gaan lopen (art. 7:942 lid 2 BW)?…

  • ECLI:NL:GHARL:2026:6091Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 22 september 2026 (civiel recht)

    Uitleg van AOV-verzekering. Geen verjaring ex art 7:942 lid 1 BW (behoudens uitzondering). Geen schending van klachtplicht.

  • ECLI:NL:RBGEL:2026:5280Rechtbank Gelderland, 3 juni 2026 (verbintenissenrecht)

    Verjaring van een rechtsvordering tegen de verzekeraar.

  • ECLI:NL:RBNHO:2026:299Rechtbank Noord-Holland, 16 januari 2026 (burgerlijk procesrecht)

    Deelgeschil. Letselschade. Fietsongeval. Aansprakelijkheidsvraag. Vorderingsrecht van verzoekster op aansprakelijkgestelde partij en op verzekeraar is verjaard. Verjaringsregelingen art. 7:942 BW en…

  • ECLI:NL:GHARL:2025:8561Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 23 december 2025 (civiel recht)

    Tussenarrest. Schadeclaims ingediend onder reis- en woonverzekering. Geen sprake van verjaring; vorderingen zijn gestuit. Bewijsopdracht m.b.t. volmacht om namens appellante akte van taxatie te…

133 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.