Burgerlijk Wetboek Boek 7

BW

Huidige tekst

Artikel 7:380 BW

Geldt sinds 1 september 2007

  1. 1

    De in artikel 378 lid 1 bedoelde verplichting bestaat niet: a.in geval van verkoop krachtens wetsbepaling of krachtens een bevel van de rechter en van executoriale verkoop; b.wanneer de verpachter overgaat tot vervreemding aan zijn echtgenoot of geregistreerde partner, aan een bloed of aanverwant in de rechte lijn of in de zijlijn tot in de tweede graad of aan een pleegkind; c.in geval van een rechtshandeling die als een verdeling van een gemeenschap is aan te merken; d.in geval de rechter op vordering van de verpachter oordeelt dat deze een ernstige reden heeft om de pachter niet in de gelegenheid te stellen eigenaar dan wel erfpachter, opstaller of vruchtgebruiker te worden. e. in geval degene aan wie de vervreemding plaats vindt, tevoren schriftelijk aan de pachter verklaart afstand te doen van zijn bevoegdheid de pachtovereenkomst op te zeggen op de in artikel 370 lid 1 onder b bedoelde grond.

  2. 2

    Evenmin bestaat de in artikel 378 lid 1 bedoelde verplichting, wanneer de grondkamer op verzoek van de verpachter heeft vastgesteld dat deze een ernstige reden heeft om de pachter niet in de gelegenheid te stellen eigenaar of beperkt gerechtigde te worden. Als ernstige reden wordt steeds beschouwd de omstandigheid dat de pachter een slecht landgebruiker is.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:RBNHO:2026:10377Rechtbank Noord-Holland, 13 augustus 2026 (verbintenissenrecht)

    pachtzaak, omdat de koper van de gronden voor de levering van de grond schriftelijk aan de pachter heeft verklaard afstand te doen van zijn bevoegdheid de pachtovereenkomst op te zeggen op grond van…

  • ECLI:NL:RBGEL:2025:8547Rechtbank Gelderland, 15 oktober 2025 (verbintenissenrecht)

    Ontbreken verklaring afstand voorkeursrecht pachter ex art. 3:378 lid 1 BW levert geen tekortkoming van de verkoper op, weigering afgifte verklaring veilige verpachter ex art. 3:380 lid 1 BW door…

  • ECLI:NL:RBOVE:2025:240Rechtbank Overijssel, 20 januari 2025 (civiel recht)

    Deze zaak gaat over de vraag of eisers het gedaagde kunnen verbieden uitvoering te geven aan de koopovereenkomst die zij met de gemeente Kampen heeft gesloten met betrekking tot de gebied rondom een…

  • ECLI:NL:GHARL:2024:5453Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 27 augustus 2024 (civiel recht)

    Onderverhuur met toestemming van verpachte woning. Geen afdracht meerdere van huur boven pachtpenningen bij gebrek aan grondslag, ook niet naar analogie van gedwongen teeltpacht (7:396 BW). Geen…

  • ECLI:NL:GHARL:2024:4816Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 23 juli 2024 (civiel recht)

    Kort geding. Didam-kwestie. Eén serieuze kandidaat. Hoger beroep tegen ECLI:NL:RBMNE:2023:6121 De gemeente is uit hoofde van de Wet op de lijkbezorging verplicht om de vestiging van een islamitische…

  • ECLI:NL:RBGEL:2024:92Rechtbank Gelderland, 10 januari 2024 (civiel recht)

    Nakoming koopovereenkomst uit 1996 en nadere overeenkomst uit 2004 tussen vastgoedontwikkelaar en drie eigenaren (deelgenoten) van gronden. Geen rechtverwerking en geen gronden voor opzegging of…

  • ECLI:NL:RBMNE:2023:6121Rechtbank Midden-Nederland, 17 november 2023 (civiel recht)

    Kort geding. Het voornemen van de Gemeente tot grondruil is in strijd met het gelijkheidsbeginsel zoals ingevuld in het Didam-arrest. Niet aannemelijk is geworden dat het College de enige serieuze…

  • ECLI:NL:GHARL:2022:5749Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 5 juli 2022 (civiel recht)

    Verdeling nalatenschappen. Ontvankelijkheid. Motiveringsplicht ten aanzien van deskundigenrapport. Meerwaardeclausule en winstverrekeningsbeding. Pachtsom. Verdeling molengelden.

15 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.