Burgerlijk Wetboek Boek 7

BW

Huidige tekst

Artikel 7:116 BW

Geldt sinds 19 september 2018

  1. 1

    Niet kan worden bedongen dat gedurende de contractsperiode een hogere koopprijs wordt vastgesteld, tenzij het met inachtneming van artikel 128 vastgestelde aanpassingen betreft van de in de overeenkomst vermelde rentevoet of het gaat om indexering aan de hand van een van overheidswege vastgesteld indexcijfer.

  2. 2

    Evenmin kan worden bedongen dat in geval de huurkoper in de nakoming van zijn verplichtingen tekortschiet, de huurkoopovereenkomst van rechtswege wordt ontbonden of eindigt, dan wel door de huurverkoper kan worden ontbonden of beëindigd zonder ingebrekestelling.

  3. 3

    De huurverkoper mag niet tot ontbinding of beëindiging overgaan dan nadat de bij de ingebrekestelling gestelde redelijke termijn van tenminste twee maanden is verstreken en de huurverkoper de huurkoper heeft uitgenodigd om met hem in overleg te treden over diens betalingsachterstand, tenzij dit van de huurverkoper in redelijkheid niet kan worden gevergd.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:RBOVE:2025:6000Rechtbank Overijssel, 8 oktober 2025 (civiel recht)

    Huurkoopovereenkomst. Wanprestatie door ongeldige ontbinding en opzegging, en onrechtmatige ontruiming. Schadevergoeding voor de huurkoper. De huurverkoper moet onder andere het deel van de…

  • ECLI:NL:RBGEL:2023:5548Rechtbank Gelderland, 11 oktober 2023 (verbintenissenrecht)

    Huurkoop en geldlening. Tijdelijke wet huurkoop onroerende zaken. Financiële afwikkeling en ontruiming.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.