Burgerlijk Wetboek Boek 7

BW

Huidige tekst

Artikel 7:671c BW

Geldt sinds 1 juli 2015

  1. 1

    De kantonrechter kan op verzoek van de werknemer de arbeidsovereenkomst ontbinden wegens omstandigheden die van dien aard zijn dat de arbeidsovereenkomst billijkheidshalve dadelijk of na korte tijd behoort te eindigen.

  2. 2

    Indien het verzoek een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd of een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd betreft die tussentijds kan worden opgezegd, en de kantonrechter het verzoek inwilligt: a.bepaalt hij op welk tijdstip de arbeidsovereenkomst eindigt; en b.kan hij aan de werknemer een billijke vergoeding toekennen indien de ontbinding van de arbeidsovereenkomst het gevolg is van ernstig verwijtbaar handelen of nalaten van de werkgever.

  3. 3

    Indien het verzoek een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd betreft die niet tussentijds kan worden opgezegd, en de kantonrechter het verzoek inwilligt, bepaalt hij op welk tijdstip de arbeidsovereenkomst eindigt en: a.kan hij, indien hem dat met het oog op de omstandigheden billijk voorkomt, de werknemer een vergoeding toekennen tot ten hoogste het bedrag gelijk aan het in geld vastgestelde loon over de termijn dat de arbeidsovereenkomst geduurd zou hebben indien deze van rechtswege zou zijn geëindigd; b.kan hij de werknemer naast de vergoeding, bedoeld in onderdeel a, een billijke vergoeding toekennen indien de ontbinding het gevolg is van ernstig verwijtbaar handelen of nalaten van de werkgever; of c.kan hij, indien hem dat met het oog op de omstandigheden billijk voorkomt of de ontbinding het gevolg is van ernstig verwijtbaar handelen of nalaten van de werknemer, de werkgever een vergoeding toekennen tot ten hoogste het bedrag gelijk aan het in geld vastgestelde loon over de termijn dat de arbeidsovereenkomst geduurd zou hebben indien deze van rechtswege zou zijn geëindigd.

  4. 4

    Bij regeling van Onze Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid kan worden bepaald dat de kantonrechter de vergoeding, bedoeld in lid 3, onderdeel c, op een hoger bedrag kan stellen, indien de werknemer een in die regeling aan te wijzen functie in een bedrijfstak uitoefende. Uitsluitend functies in een bedrijfstak die zijn aangewezen in de ministeriële regeling, bedoeld in artikel 668a, lid 8, kunnen worden aangewezen als een functie als bedoeld in de eerste zin.

  5. 5

    Elk beding waarbij de mogelijkheid voor de werknemer om de kantonrechter te verzoeken de arbeidsovereenkomst te ontbinden, bedoeld in lid 1, wordt uitgesloten of beperkt, is nietig.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2026:682Parket bij de Hoge Raad, 3 juli 2026 (arbeidsrecht)

    Arbeidsrecht; ontbinding arbeidsovereenkomst in eerste aanleg op g-grond na reorganisatie; in hoger beroep toekenning billijke vergoeding (art. 7:671b lid 9, onder c, BW) wegens schending…

  • ECLI:NL:PHR:2026:680Parket bij de Hoge Raad, 3 juli 2026 (arbeidsrecht)

    Arbeidsrecht. Ontbinding wegens verstoorde arbeidsverhouding; billijke vergoeding (art. 7:671b lid 9, onder c); Ecofys-beschikking; verbetertraject en verbeterplan. Is de intrekkingsmogelijkheid…

  • ECLI:NL:PHR:2024:185Parket bij de Hoge Raad, 16 februari 2024 (verbintenissenrecht)

    Rechtspersonenrecht. Verbintenissenrecht. Reikwijdte van décharge en art. 2:9 BW-bestuurdersaansprakelijkheid. Reikwijdte van art. 6:89 BW-klachtplicht en vordering uit art. 2:9…

  • ECLI:NL:PHR:2022:1134Parket bij de Hoge Raad, 2 december 2022 (arbeidsrecht)

    Arbeidsrecht. Kantonrechter vernietigt ontslag op staande voet maar ontbindt arbeidsovereenkomst op de zogenoemde g-grond. Hof bekrachtigt en wijst het meer of anders verzochte af. Heeft hof ten…

  • ECLI:NL:RBROT:2026:14394Rechtbank Rotterdam, 9 oktober 2026 (arbeidsrecht)

    Arbeidsrecht. Ontbindingsverzoek van een werknemer. Er is geen sprake van ernstig verwijtbaar handelen of nalaten aan de zijde van werkgever. Daarom heeft werknemer geen recht op een…

  • ECLI:NL:RBZWB:2026:9706Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 5 oktober 2026 (arbeidsrecht)

    Ontbinding op verzoek van werknemer. Toewijzing vanwege onveilige sociale en fysieke werkomgeving en niet voldoen aan re-integratieverplichtingen door werkgever. Langdurig dienstverband. Billijke…

  • ECLI:NL:RBMNE:2026:6640Rechtbank Midden-Nederland, 18 september 2026 (civiel recht)

    Verzoek werkneemster tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst op grond van artikel 7:671c BW afgewezen. Omstandigheden die verzoekster benoemt leiden niet tot het laten einndigen van de…

  • ECLI:NL:RBMNE:2026:5304Rechtbank Midden-Nederland, 29 juli 2026 (civiel recht)

    Verzoekende partij verzoekt ontbinding van zijn arbeidsovereenkomst en verzoekt vergoedingen. De kantonrechter wijst het ontbindingsverzoek toe. Verwerende partij moet vergoedingen betalen aan…

529 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.