Faillissementswet

Fw

Huidige tekst

Artikel 106a Fw

Geldt sinds 15 november 2023

  1. 1

    Op vordering van de curator of op verzoek van het openbaar ministerie kan de rechtbank een bestuursverbod opleggen aan de bestuurder van een in artikel 3 van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek genoemde rechtspersoon, de gewezen bestuurder daaronder begrepen, als tijdens of in de drie jaren voorafgaand aan het uitspreken van het faillissement van die rechtspersoon: a.door de rechter bij onherroepelijk geworden uitspraak is geoordeeld dat hij voor zijn handelen of nalaten bij die rechtspersoon aansprakelijk is, als bedoeld in de artikelen 138 of 248 van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek; b.de bestuurder doelbewust namens de rechtspersoon rechtshandelingen heeft verricht, toegelaten of mogelijk gemaakt waardoor schuldeisers aanmerkelijk zijn benadeeld en die overeenkomstig de artikelen 42 of 47 bij onherroepelijk geworden uitspraak door de rechter zijn vernietigd; c.de bestuurder, ondanks een verzoek van de curator, in ernstige mate is tekortgeschoten in de nakoming van zijn informatie- of medewerkingsverplichtingen, bedoeld in deze wet, jegens de curator; d.de bestuurder, hetzij als zodanig, hetzij als natuurlijke persoon handelend in de uitoefening van een beroep of bedrijf, ten minste tweemaal eerder betrokken was bij een faillissement van een rechtspersoon of bij een beëindiging van een rechtspersoon op een wijze als bedoeld in artikel 19c lid 1, aanhef, en hem daarvan een persoonlijk verwijt treft; of e.aan de rechtspersoon of de bestuurder ervan een boete wegens een vergrijp als bedoeld in de artikelen 67d, 67e of 67f van de Algemene wet inzake rijksbelastingen is opgelegd en deze beschikking onherroepelijk is.

  2. 2

    Een bestuursverbod kan mede worden uitgesproken jegens de bestuurder van een of meer rechtspersonen die bestuurder is of zijn als bedoeld in het eerste lid.

  3. 3

    De rijksbelastingdienst verstrekt op verzoek aan het openbaar ministerie of de curator de voor de toepassing van het eerste lid, onderdeel e, benodigde gegevens.

  4. 4

    Met uitzondering van het eerste lid, onderdeel a, en het tweede lid, zijn de vorige leden van overeenkomstige toepassing op een natuurlijke persoon die handelt of heeft gehandeld in de uitoefening van een beroep of bedrijf.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2022:1133Parket bij de Hoge Raad, 2 december 2022 (ondernemingsrecht)

    Ondernemingsrecht. (Bestuurders)aansprakelijkheid o.v.v. art. 2:248 BW, art. 2:9 BW, art. 6:162 BW?

  • ECLI:NL:PHR:2020:593Parket bij de Hoge Raad, 12 juni 2020 (civiel recht)

    Art. 81 lid 1 RO. Rechtspersonenrecht. Verbodenverklaring en ontbinding van informele vereniging (motorclub) en van twee onzelfstandige support clubs. Miskenning van toepasselijkheid van…

  • ECLI:NL:RBOVE:2026:3457Rechtbank Overijssel, 17 juni 2026 (civiel recht)

    Bestuurdersaansprakelijkheid

  • ECLI:NL:RBOBR:2026:4089Rechtbank Oost-Brabant, 10 juni 2026 (civiel recht)

    Deze zaak gaat over bestuurdersaansprakelijkheid in faillissement. De curator in het faillissement van <gefailleerde> B.V. spreekt de twee bestuurders aan op grond van onbehoorlijke taakvervulling…

  • ECLI:NL:RBROT:2026:5842Rechtbank Rotterdam, 29 april 2026 (ondernemingsrecht)

    Civielrechtelijk bestuursverbod (artikel 106a Fw). Opvragen uittreksel uit het Handelsregister als bedoeld in artikel 106c Fw.

  • ECLI:NL:RBZWB:2026:3457Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 22 april 2026 (insolventierecht)

    Bestuursverbod, 106a Fw.

  • ECLI:NL:RBROT:2026:3927Rechtbank Rotterdam, 1 april 2026 (burgerlijk procesrecht)

    Incident voeging (art. 222 lid 1 Rv). Toewijzing. De beoordeling van de aansprakelijkheid van de vennootschappen in de ene procedure hangt samen met het handelen van de (natuurlijk persoon)…

  • ECLI:NL:RBROT:2026:10671Rechtbank Rotterdam, 18 maart 2026 (insolventierecht)

    Verstekzaak. Kennelijk onbehoorlijke vervulling van taak als bestuurder (artikel 2:248 lid 2 BW). Schorsing en bestuursverbod.

76 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.