Faillissementswet

Fw

Huidige tekst

Artikel 231 Fw

Geldt sinds 1 september 2017

  1. 1

    De surseance stuit de loop niet van reeds aanhangige rechtsvorderingen, noch belet het instellen van nieuwe.

  2. 2

    Indien niettemin de rechtsgedingen blotelijk betreffen de vordering van betaling ener schuld, door de schuldenaar erkend, en de eiser geen belang heeft om vonnis te verkrijgen, teneinde rechten tegen derden te doen gelden, kan de rechter, na van de erkenning der schuld akte te hebben verleend, het uitspreken van het vonnis opschorten tot na het einde der surseance.

  3. 3

    De schuldenaar kan, voor zoveel betreft rechtsvorderingen, welke rechten of verplichtingen tot de boedel behorende ten onderwerp hebben, noch eisende, noch verwerende in rechte optreden, zonder medewerking der bewindvoerders.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:HR:2017:1281Hoge Raad, 7 juli 2017 (insolventierecht)

    Insolventierecht. Intrekking surseance van betaling en faillietverklaring o.g.v. art. 242 Fw. Internationaal concern met de Nederlandse financieringsmaatschappijen. Uitzondering op toepasselijkheid…

  • ECLI:NL:PHR:2017:526Parket bij de Hoge Raad, 21 juni 2017 (insolventierecht)

    Insolventierecht. Intrekking surseance van betaling en faillietverklaring o.g.v. art. 242 Fw. Internationaal concern met de Nederlandse financieringsmaatschappijen. Uitzondering op toepasselijkheid…

  • ECLI:NL:PHR:2010:BK3571Parket bij de Hoge Raad, 29 januari 2010 (civiel recht)

    Executierecht. De schade waarvoor de Staat ex 480 lid 3 Rv. hoofdelijk aansprakelijk is, omvat mede de marktconforme rente die deurwaarder, in wiens handen de executieopbrengst is gestort, over de…

  • ECLI:NL:HR:1968:AC2286Hoge Raad, 12 januari 1968 (civiel recht)

    Revindicatie roerend goed. Individualiseerbaarheid. Oneigenlijke vermenging.

  • ECLI:NL:GHAMS:2026:181Gerechtshof Amsterdam, 27 januari 2026 (civiel recht)

    Faillissementsrecht. Opening pre-faillissementsprocedure (Predstečajni postupak) in Kroatië. Gevolgen voor de in Nederland aanhangige rechtsvorderingen. Nederlands recht is beslissend voor het…

  • ECLI:NL:RBNHO:2022:1613Rechtbank Noord-Holland, 23 februari 2022 (civiel recht)

    Luchtvaartclaim. Vervoerder heeft zich niet uitgelaten over de vragen in het tussenvonnis, maar dat is ook niet meer relevant nu de insolventieprocedure waarop die vragen betrekking hadden, is…

  • ECLI:NL:RBNHO:2021:9606Rechtbank Noord-Holland, 13 oktober 2021 (civiel recht)

    Luchtvaartzaak. Toepasselijk recht. Lex fori processus. Onduidelijkheid over de gevolgen van een Mauritiaanse insolventieprocedure op de lopende rechtsvordering. Tussenvonnis.

  • ECLI:NL:RBAMS:2017:646Rechtbank Amsterdam, 2 februari 2017 (insolventierecht)

    Verzoeken tot intrekking van de (voorlopig) verleende surseance van betaling. Behandeling achter gesloten deuren, niet in raadkamer. Verzoeken worden afgewezen. De situatie op dit moment is niet…

16 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.