Faillissementswet

Fw

Huidige tekst

Artikel 377 Fw

Geldt sinds 15 oktober 2020

  1. 1

    Als de schuldenaar voor de afkondiging van de afkoelingsperiode, bedoeld in artikel 376, de bevoegdheid had tot gebruik, verbruik of vervreemding van goederen, dan wel de inning van vorderingen, blijft deze bevoegdheid hem tijdens de afkoelingsperiode toekomen, voor zover dit past binnen de normale voortzetting van de onderneming die hij drijft.

  2. 2

    De schuldenaar maakt alleen gebruik van de bevoegdheid, bedoeld in het eerste lid, als de belangen van de betrokken derden, voldoende zijn gewaarborgd.

  3. 3

    De rechtbank heft de in het eerste lid bedoelde bevoegdheid op of beperkt het gebruik van deze bevoegdheid op verzoek van één of meer betrokken derden, als niet langer wordt voldaan aan het vorige lid. De rechtbank beslist hierover niet dan nadat zij de genoemde derden, de schuldenaar, de herstructureringsdeskundige, bedoeld in artikel 371, zo die is aangewezen, en de observator, bedoeld in artikel 380, zo die is aangesteld, op een door haar nader te bepalen wijze en binnen een door haar te bepalen termijn in de gelegenheid heeft gesteld een zienswijze te geven.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2024:346Parket bij de Hoge Raad, 26 maart 2024 (insolventierecht)

    Cassatie in het belang der wet. Uitleg Wet homologatie onderhands akkoord (WHOA). Kan bij een WHOA-akkoord de verplichting worden opgelegd aan financiers tot het verstrekken van nieuwe financiering…

  • ECLI:NL:PHR:2021:1152Parket bij de Hoge Raad, 6 december 2021 (civiel recht)

    Prejudiciële vragen Wet homologatie onderhands akkoord (WHOA). Vallen de vorderingen van een bedrijfstakpensioenfonds bestaande uit achterstallige pensioenpremies, op grond van art. 369 lid 4 Fw – de…

  • ECLI:NL:RBAMS:2026:5709Rechtbank Amsterdam, 8 juni 2026 (insolventierecht)

    WHOA. Besloten procedure. Toewijzing verzoek verlenging afkoelingsperiode. Verplichte procesvertegenwoordiging ex artikel 5 Fw. Afwijzing verzoek ex artikel 377 lid 3 Fw.

  • ECLI:NL:RBMNE:2023:7215Rechtbank Midden-Nederland, 29 december 2023 (insolventierecht)

    WHOA. Verzoekers (kledingketen) hebben gevraagd (voor ieder van hen) een afkoelingsperiode te gelasten voor de duur van 3 maanden. De rechtbank heeft in de tussenbeschikking van 5 december 2023…

  • ECLI:NL:RBNNE:2023:3893Rechtbank Noord-Nederland, 25 september 2023 (civiel recht)

    WHOA. Afwijzing verzoeken van schuldeisers van Big Bazar primair tot benoeming herstructureringsdeskundige en afkoeling afkoelingsperiode en subsidiair tot het aanwijzen van een deskundige op grond…

  • ECLI:NL:RBNNE:2023:3786Rechtbank Noord-Nederland, 13 september 2023 (insolventierecht)

    WHOA. Afwijzing verzoeken van de Ondernemingsraad van Big Bazar tot benoeming herstructureringsdeskundige en afkoeling. De financiële injectie om lopende verplichtingen na te komen is niet ontvangen.…

  • ECLI:NL:RBNNE:2023:3678Rechtbank Noord-Nederland, 4 september 2023 (insolventierecht)

    WHOA. Openbare procedure. Verzoek afkoeling definitief afgewezen. Verzoekster heeft niet kunnen aantonen dat zij aan haar lopende verplichtingen kan voldoen.

  • ECLI:NL:RBZWB:2022:8628Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 23 december 2022 (insolventierecht)

    WHOA. Treffen van voorzieningen ex artikel 379/378 Fw

11 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.